Een klimaatbestendige toekomst voor de Caribische eilanden
Sinds 2024 is in het Caribisch deel van het Koninkrijk veel gebeurd aan klimaatadaptatie. Zo zijn er vanuit het International Panel on Deltas and Coastal Areas (IPDC) en het ministerie van IenW klimaatscenario’s en klimaateffectatlassen ontwikkeld voor Aruba, Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden. Wat is er allemaal bereikt de afgelopen jaren? En wat zijn de grootste uitdagingen? We spraken erover met Timo Kelder, Dutch Caribbean Coordinator binnen het IPDC.
Wat heb je de afgelopen jaren gedaan?
“Vanuit Stichting Climate Adaptation Services (CAS) heb ik samen met collega’s van Deltares gewerkt voor het IPDC-programma. Dat doe ik nog steeds. Het IPDC is een initiatief van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om delta’s, kustgebieden en eilanden te ondersteunen om weerbaarder te worden tegen de gevolgen van klimaatverandering. Van daaruit werk ik met allerlei partijen samen aan klimaatadaptatie in het Nederlandse deel van de Cariben. Mijn rol is vooral coördineren en zorgen voor continuïteit. Dat betekent dat je mensen bij elkaar brengt, zorgt dat projecten doorgaan en dat je goed aansluit bij wat er lokaal nodig is.”

Hoe werkte de samenwerking met de eilanden?
“Dat is misschien wel het belangrijkste. We hebben veel geïnvesteerd in relaties en vertrouwen. Elk eiland heeft een ‘Focal Point’: een contactpersoon die betrokken is bij alles wat we doen. We zorgen dat deze contactpersonen vanaf het begin meedenken en dat beslissingen via hen lopen. Het uitgangspunt is daarbij dat de eilanden zelf de regie houden, en dat wij vooral ondersteunen en versterken. Ook kijken we goed naar de lokale context. Wat speelt er? Welke kennis is er al? En wat is haalbaar? Dat helpt om plannen te maken die ook echt werken. Goed samenwerken maakt het verschil! Door kennis te delen en goed te luisteren naar de eilanden kom je veel verder. We hebben nu een basis: kennis, tools en samenwerking. Daar kun je op doorbouwen.”
Kun je vertellen wat er concreet bereikt is?
“Er is ontzettend veel gebeurd. Voor Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn er klimaatscenario’s ontwikkeld. Dat hebben de meteorologische diensten van de landen gedaan, samen met het KNMI. Ook is er voor alle eilanden een klimaateffectatlas gekomen, ontwikkeld door CAS samen met talloze lokale partijen. Daarin staan kaarten en data over klimaatrisico’s, zoals hitte, droogte en wateroverlast. Dat bestond eerder nog niet in deze vorm. Daarnaast is er een database ontwikkeld met mogelijke adaptatiemaatregelen. De VU in Amsterdam trok dit project, samen met lokale universiteiten en Nederlandse instellingen. En Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn nu volop bezig met het ontwikkelen van hun Nationale Klimaatadaptatiestrategieën. Het IPDC ondersteunt dit proces, door partijen en belangen bij elkaar te brengen, de lokale regie te versterken en samen richting te geven aan de strategieën.”
Hoe belangrijk zijn al deze producten?
“Ze zorgen voor een gedeelde basis. Hiervoor was klimaatinformatie vaak versnipperd of niet openbaar. Nu is er één plek waar mensen alle informatie kunnen vinden die er beschikbaar is. De atlassen kunnen bijdragen om het gesprek te voeren: waar liggen de risico’s en wat moeten we doen? De scenario’s geven richting aan beleid. En de database met meer dan honderd maatregelen biedt eilanden inspiratie om keuzes te maken over wat ze moeten doen. Uiteindelijk komen deze inzichten samen in de Nationale Klimaatadaptatiestrategieën. Die geven richting aan welke keuzes de eilanden maken. En ze zijn nodig om de financiering te realiseren voor concrete adaptatiemaatregelen.”

Hoe wordt er op de eilanden aangekeken tegen klimaatadaptatie? Merk je dat het onderwerp leeft?
“Dat verschilt echt per eiland en per persoon. Wat ik wel merk, is dat klimaatadaptatie vaak breder wordt gezien dan alleen klimaat. In een enquête onder bewoners van Curaçao, die onder andere in supermarkten is afgenomen, kwam bijvoorbeeld naar voren dat de kosten van water en elektriciteit voor veel mensen de grootste zorg zijn.
Maar bewoners in Aruba geven wel aan dat hitte steeds meer een probleem wordt in het dagelijks leven. En op de Bovenwindse Eilanden zijn orkanen een heel reële zorg, zeker omdat orkaan Irma in 2017 nog steeds vers in het geheugen zit. Daarnaast hoor je op alle eilanden zorgen over voedselzekerheid, omdat ze voor veel producten afhankelijk zijn van aanvoerketens die door extreem weer verstoord kan raken.”
Klimaatadaptatie leeft dus zeker, maar vaak niet als los onderwerp. Het zit verweven in andere zorgen en opgaven waar mensen dagelijks mee te maken hebben. Tegelijkertijd zie je dat die dagelijkse opgaven vaak voorrang krijgen, waardoor het niet altijd makkelijk is om de focus op de lange termijn vast te houden.”
Kun je voorbeelden geven van er op de BES-eilanden is gedaan?
“Op Bonaire hebben we met het Klimaatonderzoek Initiatief Nederland (KIN) en de Nederlandse tak van het Wereld Natuur Fonds gewerkt aan de kennisagenda voor het klimaatplan. Hoe kun je beter inzicht krijgen in risico’s zoals overstromingen en droogte? Hoe kan lokale en traditionele kennis, zoals over water en landbouw, beter benut worden? Wat zijn precies de gezondheidseffecten van hitte? En hoe kun je meten of maatregelen echt werken? Tegelijk zien we dat er al veel kennis is en er zijn ook veel plannen. Maar de uitvoering blijft soms achter doordat kennis niet altijd op het juiste moment wordt gebruikt en de capaciteit beperkt is. Daarom is de kennisagenda gericht op actie, met ruimte om al doende te leren en bij te sturen.
Op Saba en Sint Eustatius hebben we daarnaast de ‘supply chain’ gemodelleerd. Daarmee krijg je inzicht in hoe goederenstromen lopen en waar ze kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld bij extreem weer. Dit maakt heel duidelijk dat klimaateffecten niet alleen direct zijn, zoals hitte of overstromingen. Verstoringen in de aanvoer van goederen zijn indirecte effecten die minstens even ingrijpend zijn. Deze eilanden zijn namelijk sterk afhankelijk van import en de internationale scheepvaart.”

Wat zijn de grootste uitdagingen op de eilanden?
“Een belangrijke uitdaging stipte ik net al aan: de stap naar het uitvoeren van plannen blijft lastig. Dat komt onder andere door beperkte capaciteit en door het ontbreken van structurele ondersteuning. De rechtbank heeft in de Klimaatzaak Bonaire uitgesproken dat de staat inwoners van Bonaire momenteel onvoldoende beschermt tegen klimaatverandering. Dus ik denk dat Nederland hier een grotere rol in moet spelen. We hebben plannen nodig die ook echt uitgevoerd worden. De uitdaging zit dus niet alleen in de behoefte aan kennis, maar ook in hoe we kennis omzetten in concrete stappen die mensen echt beschermen.”
Laatste vraag: waar ben je het meest trots op?
“Ik ben heel blij met het vertrouwen dat we hebben opgebouwd. Dat vertrouwen is een sterke basis om in de toekomst te blijven samenwerken. In het ideale geval gaan we er vanuit het hele Koninkrijk samen de schouders onder zetten, zodat de strategieën en plannen ook daadwerkelijk worden uitgevoerd. En zodat we ook voor de eilanden een klimaatbestendige toekomst mogelijk maken.”

Timo Kelder
Verder lezen?
Misschien vind je deze pagina ook interessant:
