Ga naar de inhoud
logo kennisportaal klimaatadaptatie (naar homepage)
Direct naar
  • Over ons
  • Bibliotheek
  • English
  • Caraïben
  • Helpdesk
  • Home
  • Actueel
  • Aan de slag
  • Kennisdossiers
  • Hulpmiddelen
  • Voorbeelden
  • Beleid & programma's
  • Over ons
  • Bibliotheek
  • English
  • Caraïben
  • Helpdesk
  1. Home ›
  2. Adaptatiemaatregelen ›
  3. Regenwater afkoppelen van riool

Regenwater afkoppelen van riool

In veel bestaande rioolsystemen worden afvalwater en regenwater samen afgevoerd. Dit noemen we daarom ook wel een gemengd rioolsysteem. Regenwater kun je afkoppelen van dit gemengde rioolsysteem. Dat betekent dat het regenwater dat valt, niet meer in het riool terechtkomt waar ook het afvalwater doorheen gaat. Dit gaat overbelasting van gemengde  rioolsysteem tegen tijdens hevige buien, waardoor er minder wateroverlast ontstaat. Meer over regenwater afkoppelen, de voordelen, effecten, aandachtspunten en ervaringen ermee lees je op deze pagina.

Functies en voordelen

Lees hieronder meer over wat een afkoppelen precies is en wat de voordelen kunnen zijn.

Hoe kun je afkoppelen?

Je kunt regenwater afkoppelen door de regenpijp los te koppelen van het riool, waardoor het regenwater niet meer het gemengde riool in gaat. Het regenwater uit de regenpijp blijft dan meestal boven de grond en wordt afgevoerd naar plekken waar het in de bodem zakt (ook wel: infiltreert) of wordt bewaard (ook wel: gebufferd), zoals een regenton. De rest van het regenwater wordt afgevoerd naar oppervlaktewater.

Wat zijn de belangrijkste voordelen?

Een groot voordeel van afkoppelen is dat het rioolstelsel met afvalwater en de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) minder belast worden. Een ander voordeel is dat er minder overstorten van rioolwater op het oppervlaktewater zijn en de RWZI een hoger zuiveringsrendement heeft. Verder wordt er door af te koppelen meer water vastgehouden in de bodem en wordt het grondwater aangevuld.

Bij afkoppelen zijn maatregelen op maat nodig

Welke maatregelen geschikt zijn om regenwater af te koppelen, hangt vooral af van de ondergrond en beschikbare ruimte. Als je de regenpijp loskoppelt van het riool, is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de gebouwen en omgeving niet te maken krijgen met wateroverlast of schade. Het regenwater moet eerst weggeleid worden van het gebouw waar de regenpijp aan vastzit. Afvoeren doe je het liefst bovengronds. Dat is meestal goedkoper en draagt bij aan bewustwording, waardoor er minder kans is op bijvoorbeeld foute aansluitingen. Maar bij weinig ruimte kun je regenwater ook ondergronds afvoeren. Bij voorkeur verwerk je het regenwater in de volgorde ‘vasthouden-bergen-afvoeren’: eerst houd je het water vast in de bodem en/of bewaar je het om te gebruiken. De rest van het regenwater kun je afvoeren naar oppervlaktewater, zoals een rivier, meer, vijver, sloot of kanaal. Hieronder lees je met welke maatregelen je regenwater kunt bewaren en gebruiken, vasthouden in de bodem en afvoeren.

Hoe kan afgekoppeld regenwater infiltreren?

Is de bodem geschikt om water in weg te laten zakken (infiltreren) en vast te houden? Dan is het advies om het afgekoppelde regenwater af te voeren naar infiltratiemaatregelen, zoals een wadi, raingarden, regenwatervijver of tijdelijke waterbuffer. Zijn er weinig mogelijkheden voor dit soort groene maatregelen? Dan kun je afgekoppeld regenwater ook onder de grond bergen en infiltreren, bijvoorbeeld met infiltratiekratten of infiltratieputten.

Hoe kun je afgekoppeld regenwater bewaren?

Je kunt een deel van het regenwater ook opslaan zodat je het kunt gebruiken. Bijvoorbeeld in een regenton, of op grotere schaal in een ondergrondse opslagruimte. Bij een regenton leid je de regenpijp direct naar de ton. Bij een grotere wateropslag leid je het afgekoppelde regenwater via een regenwaterafvoer naar de opslag. Het water in de regenton bewaar je bijvoorbeeld om de tuin mee te besproeien in droge periodes of om de wc mee door te spoelen. Let er bij de aansluiting op een regenton wel op dat de ton vol kan raken. Zorg er daarom voor dat overtollig water in de regenton goed wordt afgevoerd, bijvoorbeeld naar een wadi of vijver. Meer over hoe je een regenton aansluit op een regenpijp lees je onder Ontwerp en aanleg.

Maatregelen om afgekoppeld regenwater bovengronds af te voeren

Bovengronds afvoeren kan op verschillende manieren. Een veelgebruikte vorm is de goot. Goten zie je veel in straten en op pleinen. Er zijn verschillende soorten goten. De meest gebruikte zijn molgoten, open goten en bedekte goten. Verder kun je regenwater ook bovengronds afvoeren met holle wegen, greppels en open waterlopen. Meer over de verschillende manieren om regenwater bovengronds af te voeren lees je bij Ontwerp en aanleg.

Maatregelen om afgekoppeld regenwater ondergronds af te voeren

Is er weinig ruimte? Dan kun je afgekoppeld regenwater ook ondergronds afvoeren. Je kunt de regenpijp dan koppelen aan ondergrondse afvoer, zoals een IT-riool (Infiltratie Transport) of een DIT-riool (Drainage Infiltratie Transport). Dat is een ‘lekkende’ rioolbuis, waardoor regenwater wordt afgevoerd en rechtstreeks in de grond kan infiltreren. Meer over het ontwerp en de aanleg van een IT- en DIT-riool vind je onder Ontwerp en aanleg.

Hoe helpt afkoppelen om de omgeving klimaatbestendiger te maken?

Hieronder lees je hoe afkoppelen kan helpen om de omgeving klimaatbestendiger te maken.

Wateroverlast en droogte

Door regenwater af te koppelen gaat het water niet het riool in, maar zakt het waar mogelijk in de bodem. Zo maak je gebruik van de sponswerking van de bodem: de bodem houdt het water vast, wat de kans op wateroverlast bij hevige buien vermindert. Ook wordt het grondwater meer aangevuld, wat verdroging tegengaat in droge periodes. Bovendien belast je zo minder het riool, waardoor straten en kelders minder snel onder water komen te staan bij hevige regenbuien.

Waterkwaliteit

Afkoppelen heeft (deels) een positief effect op de waterkwaliteit. Doordat het riool tijdens hevige regenbuien minder belast wordt, zijn er minder overstorten. Daarnaast heeft de rioolwaterzuivering een hoger zuiveringsrendement. Hierdoor blijft het oppervlaktewater schoner. Ook blijft er meer gebiedseigen water in een afgekoppeld gebied, wat de zuurstofhuishouding en ecologische kwaliteit kan versterken. Dit leidt ook tot minder vissterfte, stank en blauwalgen. Let op: daartegenover staat dat met afgekoppeld regenwater vervuilingen meespoelen en in het oppervlaktewater of grondwater terecht kunnen komen. Denk aan microplastics, zware metalen en bijvoorbeeld ontlasting van dieren. Het nadeel is dat dit water vaak niet wordt gezuiverd, wat wel altijd gebeurt met regenwater dat via het gemengd riool wordt afgevoerd.

Hitte

Afkoppelen wordt vaak gecombineerd met vergroenen: meer water en schaduw kan ook zorgen voor meer koelte in de stad tijdens hete dagen.

Draagt afkoppelen ook bij aan andere doelen?

Door regenwater af te koppelen, draag je niet alleen bij aan klimaatadaptatie, maar ook aan biodiversiteit, duurzame energie en mogelijk ook aan sociale cohesie, leefbaarheid en gezondheid:

  • Biodiversiteit: doordat je meer gebruikmaakt van de sponswerking van de bodem, zullen planten minder snel te maken krijgen met watertekorten. Dat is beter voor de natuur. En combineer je afkoppelen met groenblauwe maatregen met een gezonde bodem, insectenhotels en natuurvriendelijke wadi’s of raingardens? Dan kan dat ook de biodiversiteit stimuleren.
  • Duurzame energie: de rioolwaterzuiveringsinstallatie wordt minder belast, waardoor het zuiveren van water minder energie kost. Er is ook minder energie nodig voor het pompen van water naar de zuivering zoals bij een verbeterd gescheiden stelsel.
  • Sociale cohesie: je kunt acties organiseren om hele buurten af te koppelen van het riool, bijvoorbeeld in combinatie met het uitdelen van regentonnen en plantjes voor in de tuin. Mensen zullen hun regenpijp eerder afkoppelen als ze mee kunnen doen aan een gezamenlijke actie met een duidelijk doel. Zo’n actie onder buurtbewoners kan de sociale cohesie van een buurt vergroten.
  • Samenwerking: afkoppelacties kunnen ook de samenwerking tussen gemeenten en waterschappen stimuleren, en zo leiden tot een meer integraal stedelijk waterbeheer. Denk aan acties zoals Operatie Steenbreek en het NK Tegelwippen, waarbij gemeenten en waterschappen vaak samenwerken.
  • Betrokkenheid en bewustwording: Als je regenwater afkoppelt, kunnen bewoners het watersysteem in werking zien. Het water gaat niet direct ondergronds het riool in, maar wordt zichtbaar afgevoerd naar bovengrondse infiltratiesystemen. Doordat bewoners dit zien, kunnen ze meer betrokken raken en zijn ze ook minder snel geneigd om het water te vervuilen. Ze zullen dan bijvoorbeeld minder snel hun auto op straat wassen. En soms doen bewoners zelfs het onderhoud van infiltratievoorzieningen zoals wadi’s en raingardens in openbaar gebied, omdat ze het zien als hun eigen ‘extra tuintje’.
  • Leefbaarheid: groenblauwe afkoppelmaatregelen kunnen de omgeving mooier, aantrekkelijker en gezonder maken. Denk aan de buurt vergroenen, maar bijvoorbeeld ook aan greppels, open goten en waterlopen, groene daken, wadi’s, raingardens en regenwatervijvers die zorgen voor een afwisselend straatbeeld.

Effecten van afkoppelen

Lees meer over de effecten van afkoppelen.

Hoe sterk vermindert afkoppelen de kans op wateroverlast/overstroming?

De kans op wateroverlast wordt alleen minder als je afkoppelt met extra berging of infiltratie. Hoe sterk het effect is, hangt af van de volgende factoren:

  • de herhalingstijd waarop het systeem is ontworpen. Bijvoorbeeld een bui van T=10 of T=100.
  • de beschikbare ruimte voor infiltratie en/of berging
  • de afstemming tussen riolering, oppervlaktewater en grondwater
  • het onderhoud, zoals het schoonmaken van kolken en het vrijhouden van afvoerroutes.

Het advies van STOWA is om de openbare ruimte zo in te richten dat bij een bui met een herhalingstijd van 100 jaar geen schade optreedt. Dit gaat dus verder dan het traditioneel ontwerp. Verder is een combinatie van infiltratie en berging met vergroening de meest robuuste oplossing tegen extreme buien.

Wat gebeurt er als je geen extra berging of infiltratie aanlegt?

Als je alleen het gemengde riool vervangt door een regenwaterriool met dezelfde capaciteit, dan blijft de wateroverlast hetzelfde of wordt zelfs erger. Oorzaak: de afvoercapaciteit van het nieuwe regenwaterriool is vaak niet groter dan die van het oude gemengde riool. De berging in het systeem wordt soms zelfs kleiner. En de problemen worden dan alleen maar verplaatst, bijvoorbeeld van riool naar oppervlaktewater.

Hoe sterk vermindert afkoppelen verdroging?

Combineer je afkoppelen met infiltratiemaatregelen? Dan kan het lokaal bijdragen aan het tegengaan van verdroging. Maar het effect verschilt sterk per gebied en grondwatersituatie. Vooral in stedelijk gebied wordt het grondwater flink aangevuld als je regenwater afkoppelt en het laat infiltreren in de bodem. Dat komt doordat in steden de verdamping van grondwater veel lager is dan in onbebouwd gebied.

Bij afkoppelen en infiltratie zijn de effecten op de grondwaterbalans direct meetbaar in peilbuismetingen:

  • De grondwaterstand stijgt, lokaal mogelijk zelfs tot enkele decimeters.
  • Het neerslagoverschot stijgt, tot meer dan 20 % dan in niet-afgekoppelde wijken.

Hoeveel invloed heeft afkoppelen op de belasting van de rioolwaterzuivering?

Tijdens een hevige bui stijgt de afvoer in een gemengd rioolstelsel snel, waardoor de rioolwaterzuivering (RWZI) overbelast raakt. Dat leidt tot slechtere prestaties van de RWZI. Vooral ammonium stijgt dan snel in het gezuiverde water. Door regenwater af te koppelen, gaat er minder water door het rioolstelsel heen. De RWZI wordt dus door af te koppelen minder belast. Hierdoor raakt hij ook minder vaak verstoord en presteert beter.

Andere voordelen

Door het afkoppelen verbruikt de RWZI ook minder energie. Verder kan afkoppelen leiden tot veel minder storingen aan roosters en pompen, en zorgt het voor minder slibvorming en lagere zandproductie op de zuivering.

Zuiveringsrendement beperkt

Het gezuiverde water heeft na afkoppelen iets lagere ammonium- en stikstofwaarden. Wel is het totale zuiveringsrendement beperkt: het gaat om enkele tienden procent betere zuivering en om 1 tot 2 procent minder stikstof.

Kan afkoppelen ook negatieve effecten hebben?

Afkoppelen kent ook risico’s en kan ongewenste effecten veroorzaken. Hieronder staan de belangrijkste negatieve effecten.

Ontluchtingsproblemen in gebouwen

Wordt maar een deel van een gebouw afgekoppeld, bijvoorbeeld alleen de weg en de voorkant van de woning? Dan kan het riool vaak niet genoeg ontluchten. Zeker bij oudere woningen kan er dan wateroverlast of stank in de woning ontstaan. Ook kunnen de toiletten gaan borrelen. Dit kun je voorkomen met betere ontluchting, bijvoorbeeld door meer ontluchtingsroutes aan te leggen.

Grondwateroverlast

Als regenwater wordt afgekoppeld in combinatie met infiltratiemaatregelen, kan het grondwaterpeil te hoog worden. Dit kan vooral gebeuren in slecht doorlatende gebieden, slecht onderhoud bij infiltratievoorzieningen of gebieden met hoge grondwaterstanden. Dit kan leiden tot natte kruipruimtes, verzadigde tuinen en schade aan kelders of funderingen.

Grotere kans op rioolvreemd water

Als de hoeveelheid regenwater die wordt geïnfiltreerd of afgevoerd naar oppervlaktewater te groot wordt, vergroot dat de kans op rioolvreemd water: water dat niet thuishoort in het riool, zoals huishoudelijk afvalwater of regenwater dat naar riool wordt afgevoerd, maar toch in het riool terechtkomt. Negatief effect: de rioolwaterzuivering wordt niet minder belast maar juist extra belast. Twee mogelijke oorzaken:

  • Rioolvreemd water kan het riool in komen door afgekoppeld regenwater via infiltratie waarbij grondwateroverlast ontstaat. Bewoners voeren het grondwater dan af naar het afvalwaterriool.
  • Rioolvreemd water kan ook ontstaan door afkoppeling naar oppervlaktewater. Als het waterpeil hier te sterk stijgt en er geen terugslagklep is, kan het water via de overstortdrempel het gemengde rioolstelsel inlopen, en zo naar de rioolwaterzuivering wordt afgevoerd.

In beide gevallen is het watersysteem niet geschikt om extra water te verwerken. Meer hierover vind je in het STOWA-rapport (2019) Afkoppelen, Kansen en risico’s van anders omgaan met hemelwater in de stad (pdf, 5 MB).

Verontreiniging van oppervlaktewater en bodem

Bij afkoppelen stromen er meer oliën, metalen en chemische stoffen van bijvoorbeeld teer, asfalt en dakbedekking (PAK’s) mee met het regenwater:

  • Bij infiltratiemaatregelen komen deze verontreinigingen in de bovenlaag van de bodem terecht. Deze kunnen worden gefilterd met een filterlaag, zoals bij wadi’s. Het is afhankelijk van de filterlaag en het stofgedrag welke verontreinigingen in het filter blijven hangen. Als verontreinigingen niet blijven hangen in het filter, kunnen ze op den duur in de onderliggende grondlaag en in het grondwater terechtkomen.
  • Als regenwater direct afstroomt naar oppervlaktewater kunnen deze verontreinigingen in het oppervlaktewater en de bodem terechtkomen.

Wel of geen nadelen?

Hieronder zie je een paar discussies over mogelijke nadelen van bovengrondse afvoer.

  • Leidt bovengrondse afvoer tot meer gladheid door bevriezing van het regenwater? Dit kan weleens voorkomen, maar gebeurt weinig. Zie ook discussie hierover op LinkedIn. Er zijn duizenden wadi’s in Nederland waarbij het water vooral bovengronds wordt afgevoerd. Uit enquêtes in 2000 blijkt dat bovengrondse afvoer van water niet tot meer gladheid hoeft te leiden.
  • Ontstaat er door bovengrondse afvoer meer groene aanslag op de stoep? Zelden, soms op donkere schaduwrijke plekken. Zie ook discussie hierover op LinkedIn.

Monitoring van effecten

Het is belangrijk om een de effecten van afkoppelen goed te blijven monitoren. Zo kun je op tijd problemen herkennen en voorkomen dat het afkoppelen minder goed gaat werken. Hieronder lees je hoe je afkoppelen het best kunt monitoren.

Hoe meet je het effect van afkoppelen? Welke indicatoren of meetmethodes kun je gebruiken?

1. Breng lokale situatie in kaart

Afkoppelen heeft verschillende effecten. Om deze effecten te meten kun je eerst de lokale situatie in kaart brengen:

  1. Hoe wordt het regenwater nu afgevoerd ten opzichte van voor het afkoppelen? Kijk daarbij naar deze niveaus: perceel, straat, watersysteem en afvalwaterketen.
  2. Wat zijn nu de knelpunten? Denk aan regenwateruitlaten, overstorten, water op straat en eventuele grondwaterproblemen.
  3. Wat verandert er na afkoppelen?

Dit doe je bijvoorbeeld met GIS-kaarten, riool- en grondwatermodellen en metingen van neerslag, waterstanden en debiet. Het debiet is een maat voor hoeveel water er per tijdseenheid door een watersysteem en naar afkoppelmaatregelen gaat.

2. Meet of bereken effecten per thema

Je kunt meten wat het effect van afkoppelen is op de waterkwaliteit, wateroverlast op straat, aanvulling grondwater, demping piekafvoer, hoeveelheid water die naar de RWZI wordt afgevoerd, en kwaliteit van de zuivering van het afvalwater. Ook ongewenste effecten kun je meten, bijvoorbeeld hoe sterk rioolvreemd water, foutaansluitingen en ontluchtingsproblemen toenemen en of er verontreinigingen in de bodem terechtkomen. Verder kun je het effect op kosten en baten meten: vergelijk hiervoor de investering in afkoppelen met hoeveel je bespaart op wateroverlast en zuivering. De tabel hieronder laat voorbeelden zien van afkoppeleffecten die je kunt meten.

Voorbeelden van hoe je effecten kunt meten. Bron: Rapport STOWA (2019) ‘Afkoppelen, Kansen en risico’s van anders omgaan met hemelwater in de stad’
Thema Wat meten? Voorbeelden van meetbare indicatoren / gegevensbronnen
Oppervlaktewaterkwaliteit Verbetering van de kwaliteit van het stedelijk oppervlaktewater door minder overstorten en schoner regenwater
  • Aantal overstorten per jaar
  • Overstortvolume (m³/jaar)
  • Zuurstofgehalte (mg/L)
  • Ammonium (mg/L)
  • Nutriënten (N, P)
  • PAK’s, metalen
  • Emissie uit hemelwateruitlaten
Regenwateroverlast Vermindering van water op straat en schades bij hevige buien
  • Frequentie “water op straat” (keer/jaar)
  • Waterhoogte bij inundatie (cm)
  • Gebruikte berging (m³/ha)
  • Aantal meldingen van overlast of schade
Klimaatverandering / watertekort Functioneren van de natuurlijke waterkringloop en vergroten van droogteresistentie
  • Infiltratievolume (m³/jaar)
  • Gemiddeld en minimaal grondwaterpeil (mNAP)
  • Duur lage grondwaterstanden (dagen/jaar)
  • Groenblauw oppervlak (% van wijk)
Kwaliteit openbare ruimte Toename van leefbaarheid en belevingswaarde door water en groen
  • Oppervlak groenblauwe inrichting (m²)
  • Aantal nieuwe wadi’s/groene daken
  • Beoordeling door bewoners (enquête, score)
  • Meervoudig ruimtegebruik (ja/nee per project)
Afvalwaterzuivering (RWZI) Stabieler functioneren van de zuivering
  • Influentvolume (m³/dag)
  • Piekdebieten (m³/uur)
  • Zuiveringsrendement (BZV, CZV, TN, TP in %)
  • Ammonium in effluent (mg/L)
  • Energieverbruik RWZI (kWh/jaar)
Valkuilen en neveneffecten Voorkomen van ongewenste bijeffecten door gedeeltelijk afkoppelen
  • Aantal foutaansluitingen
  • Hoeveelheid rioolvreemd water (m³/jaar)
  • Meldingen van stank of borrelende toiletten
  • Lokale stijging grondwaterpeil (cm)
Kosten en baten Inzicht in economische effectiviteit van maatregelen
  • Investeringskosten per m² (€)
  • Onderhoudskosten per jaar (€)
  • Vermeden schade wateroverlast (€
  • Besparing RWZI-capaciteit (€)
  • Netto baten per m² (€)

Tekst

Zijn er voorbeelden van effectmetingen?

Er zijn een aantal voorbeelden van effectmetingen van afkoppelen:

  • In het H2O-artikel Risico's en mitigerende maatregelen bij afkoppelen van hemelwater in stedelijke gebieden (2025) staan de resultaten van afkoppelen in drie gebieden in Rotterdam: een oude wijk + bedrijventerrein, een centrumgebied en een relatief groene wijk. Arcadis, Waterschap Hollandse Delta en Alliantie Waterkracht hebben gemeten welke effect grootschalig afkoppelen van bestaand verhard oppervlak daar heeft op piekwaterstanden in oppervlaktewater, welke berging en pompcapaciteit daarvoor nodig is en wat de risico’s zijn op wateroverlast of te hoge waterpeilen. Eén van de conclusies is dat afkoppelen in stedelijke gebieden in een polder veel effect kan hebben op het oppervlaktewater. Het kan bij hevige neerslag leiden tot zeer grote stijgingen van de waterstanden, waardoor het risico op lokale wateroverlast vanuit het watersysteem toeneemt. Dit is vooral een risico als het watersysteem bij hevige neerslag al zwaar belast wordt. Verder kunnen er nog andere risico’s optreden, bijvoorbeeld bij hellende rioleringsgebieden. Het is in ieder geval heel belangrijk om afkoppeling zorgvuldig te plannen op basis van gebiedsspecifieke risicofactoren voor wateroverlast.
  • De Leidraad afkoppelen en infiltreren afstromend hemelwater (2024) van de provincie Utrecht geeft gemeenten, omgevingsdiensten, provincie, drinkwaterbedrijven en waterschappen beslisschema’s over wanneer ze regenwater mogen afkoppelen, wat de risico’s zijn en welke maatregelen er genomen moeten worden. Het doel van deze leidraad is om de grondwaterkwaliteit te beschermen voor de drinkwaterwinning. In deze leidraad staat wat het effect van afkoppelen en infiltreren kan zijn op de grondwaterkwaliteit en wat de risico’s kunnen zijn voor drinkwaterwinning. Er staat ook in hoe je de kwaliteit van afstromend regenwater kunt monitoren.
  • In het RAAK-project De Waterbergende Weg dat liep van 2021 tot 2023 blijkt dat de infiltratiecapaciteit van waterbergende wegen in 2021 net als in 1993-1999 grote verschillen in tijd en ruimte laten zien. Ook blijkt dat de waterbergende wegen binnen een dag leeg zijn.
  • In de gemaakte Storymap bij het project Monitoring klimaatadaptatie in Gelderland vind je tips over afkoppelen en monitoren in deelproject De Klimaatstraat in Apeldoorn en deelproject Oostendorp in Elburg.
  • Gemeente Tilburg heeft Deltares onderzoek laten doen naar ondergrondse infiltratiemaatregelen in twee Tilburgse buurten. Hebben deze maatregelen de grondwateroverlast in kelders en kruipruimtes veroorzaakt? Uit het onderzoek blijkt dat dit niet het geval is. Zie de resultaten in het rapport van november 2025.

Ontwerp en aanleg

Voordat je regenwater gaat afkoppelen van het riool, is het belangrijk om eerst het doel ervan voor ogen te hebben. Wil je vooral het riool ontlasten of is bijvoorbeeld het grootste doel om te zorgen voor een waterbuffer in droge periodes? Of allebei?  Daarna kun je bepalen met welke maatregelen je de afkoppelactie gaat combineren.

Kun je in jouw gebied regenwater afkoppelen?

Afkoppelen kan in principe overal, maar het is wel belangrijk dat je genoeg ruimte maakt om het regenwater te verwerken. Dat kan niet overal even makkelijk. Afkoppelen kan het makkelijkst op plekken waar veel ruimte is om berging aan te leggen en te vergroenen, en waar regenwater goed in de bodem kan infiltreren. Als de bodem minder makkelijk water infiltreert, moet je het regenwater sneller afvoeren naar een grote wateropslag of naar oppervlaktewater. En bij weinig ruimte kun je de regenpijp koppelen aan ondergrondse maatregelen, zoals infiltratiekratten, een IT-riool of zakputten waarbij het water direct in de grond zakt zonder dat het afgevoerd wordt.

Ga niet zomaar ergens afkoppelen

Vaak beginnen gemeenten met afkoppelen in gebieden waar dat goedkoop en makkelijk lijkt te zijn, bijvoorbeeld als straten opengaan voor kabels en leidingen. Maar om het riool helemaal af te koppelen is een ‘masterplan’ nodig, waarbij je niet alleen kijkt naar de riolering, maar ook integraal naar het grondwater- en oppervlaktewatersysteem. Vaak is het dan ook wenselijk om meer oppervlaktewaterberging aan te leggen, in de vorm van vijvers, stadsbeken of grachten.

Kansen voor infiltratie verschillen per locatie

Afkoppelen is dus overal mogelijk, maar niet overal even makkelijk. Op de landelijke kaart Stedelijke infiltratiekansen in de Klimaateffectatlas kun je zien waar de kansen groot en minder groot zijn. Op lokale schaal zijn er ook inschattingen gemaakt van infiltratiekansen. Zo heeft de Alliantie Waterkracht voor het type stedelijk gebied Rotterdamse stijl een tabel gemaakt die laat zien welke plekken wel en niet geschikt zijn om regenwater af te koppelen. Zie pagina 23-25 van het rapport ‘Handelingsperspectief voor afkoppelen (pdf, 11 MB)’ (2025).

Welke wijktypen zijn geschikt om regenwater af te koppelen?

Over het algemeen zijn naoorlogse woonwijken, dorpskernen en vinex-wijken heel geschikt om regenwater af te koppelen. In bijvoorbeeld vooroorlogse wijken vraagt afkoppelen om meer creativiteit, omdat daar weinig ruimte is voor infiltratie en de grondwaterstand vaak hoger is.

Op welke schaal kun je regenwater afkoppelen?

Je kunt regenwater op verschillende schaalniveaus afkoppelen:

  • Op woningniveau: elke bewoner kan zijn regenpijp zelf afkoppelen. Als gemeente of waterschap kun je dit stimuleren door een subsidie beschikbaar te stellen of door afkoppelacties te organiseren. Aandachtspunt: bewoners moeten soms hun plannen afstemmen met buren en gemeente. Het water mag namelijk niet zomaar afstromen naar andermans terrein en er kan overleg komen over hoeveel verharding er in tuinen mag liggen.
  • Op straatniveau: Je kunt afkoppelacties organiseren met een straat of buurt, dus met enkele tientallen woningen. Doel hiervan is om samen wateroverlast in de straat zoveel mogelijk te voorkomen. Het regenwater kan dan worden opgevangen in tuinen en op openbaar terrein. Aandachtspunt: hiervoor is samenwerking nodig tussen bewoners, gemeente en rioolbeheerder. Op deze schaal kun je bijvoorbeeld straten herinrichten waarbij regenwater niet meer naar het gemengd riool gaat, maar via goten naar infiltratiemaatregelen.
  • Op wijk- of stadsniveau: je kunt als gemeente ook hele wijken afkoppelen, bijvoorbeeld als je schoon regenwater op grote schaal wilt scheiden van afvalwater. Het gaat dan om honderden tot duizenden woningen, met opvangvolumes van honderden tot duizenden m3. Aandachtspunt: een hele wijk afkoppelen is altijd onderdeel van een groot ruimtelijk projectplan, waarin het grondwaterbeheer en de rioolcapaciteit worden meegenomen. Een voorbeeld hiervan zijn de Rotterdamse Waterpleinen, die het regenwater van een hele wijk tijdelijk bergen tijdens piekbuien.
  • Op gebiedsniveau (buitengebied): je kunt regenwater in het buitengebied meer vasthouden. Dat kan door het regenwater niet of vertraagd af te voeren en het te laten infiltreren, bijvoorbeeld met klimaatbuffers. Dit vermindert piekafvoer en droogteproblemen in een heel stroomgebied. Aandachtspunt: er is goede samenwerking nodig tussen waterschappen, gemeenten en de landbouw.

Wat is een goed moment om regenwater af te koppelen?

Het beste moment om regenwater af te koppelen hangt van verschillende factoren af:

  • Praktisch: voor gemeenten als er toch al iets open ligt, bijvoorbeeld als er een riool vervangen moet worden of er kabels en leidingen moeten worden aangelegd. En voor bewoners als ze toch bezig gaan met hun tuin opnieuw aanleggen of het dak of de regenpijp vervangen.
  • Als er een project loopt, zoals een vergroeningsproject, waarbij bijvoorbeeld ook subsidies of afkoppelcoaches beschikbaar zijn. En natuurlijk bij nieuwbouw- en herstructureringsprojecten.
  • Seizoen: Je kunt regenwater het beste afkoppelen in het voorjaar (maart tot en met mei) of in het vroege najaar (augustus tot en met oktober). Dan kun je het beste graven en infiltratiemaatregelen aanleggen, omdat de bodem dan het meest geschikt is. In de winter is de grond vaak te nat of bevroren en in de zomer vaak te droog of te hard. Voor wadi’s en raingardens zijn het voorjaar en najaar ook de beste periodes om te planten.
  • Na wateroverlast of een verandering in beleid: als gemeente kun je een situatie van wateroverlast in een wijk gebruiken om daar een afkoppelactie te starten. Bewoners voelen dan direct de urgentie. Een ander goed moment is wanneer je als gemeente via een hemelwaterverordening verplicht stelt of stimuleert dat bewoners regenwater afkoppelen op hun eigen terrein.

Stappenplannen voor afkoppelen

Het is heel belangrijk om een afkoppelactie goed voor te bereiden. Hieronder vind je twee stappenplannen die je daarvoor kunt gebruiken: een stappenplan voor gemeenten en een stappenplan voor bewoners en bedrijven.

  • Download het stappenplan voor gemeenten (pdf, 60 kB)
  • Download het stappenplan voor bewoners en bedrijven (pdf, 57 kB)

Waar moet je verder rekening mee houden?

Nog een aantal punten om rekening mee te houden als je gaat afkoppelen:

  • Infiltratiemaatregelen, zoals wadi’s, infiltratievelden en buffers, nemen veel ondergrondse en bovengrondse ruimte in beslag.
  • Er is een risico op foute aansluitingen, vooral bij ondergrondse voorzieningen.

Ontwerp en aanleg boven- en ondergrondse afvoeren

Hieronder lees je meer over het gebruik en de aanleg van boven- en ondergrondse afvoeren. Deze leg je aan om het afgekoppelde regenwater van het gebouw weg te leiden en af te voeren naar infiltratiemaatregelen, bergingsmaatregelen of oppervlaktewater. Bovengronds afvoeren maakt het proces zichtbaar. Zichtbaar afvoeren door open goten, molgoten en holle wegen vind je door heel Nederland, zoals bij wadi’s en raingardens. Het draagt bij aan bewustwording en je hebt minder kans op foute aansluitingen.

Visualisatie van verschillende soorten goten
Visualisatie van verschillende soorten goten

Bovengronds: open goot

Een open goot kan dieper worden aangelegd dan een molgoot. Daardoor kan hij meer water afvoeren en hoeft de straat of goot zelf minder schuin af te lopen. De maximale lengte van een goot ligt tussen 50 en100 meter, omdat hij anders te diep wordt en niet meer gereinigd kan worden. Nadelen van een open goot zijn dat je hem niet met een gebruikelijke borstelwagen kunt schoonmaken. Ook kan een open goot een belemmering vormen of zelfs gevaarlijk zijn voor voetgangers of fietsers. Dit vraagt om aandacht bij het ontwerp. Open goten zie je veel in gebieden waarin het landschap natuurlijke hoogteverschillen heeft, waardoor ze vanzelf schuin aflopen.

Bovengronds: molgoot

Een molgoot kun je vrij eenvoudig aanleggen als je regenwater wilt afkoppelen van het riool. Molgoten kun je bijna overal toepassen en het straatprofiel kan gewoon hetzelfde blijven. Een molgoot ligt iets verdiept in het straatprofiel en heeft flauw aflopende randen. Het moet altijd een lichte helling hebben, ofwel in de weg ofwel in de goot zelf, zodat het regenwater kan afvloeien. De maximale lengte van een goot is 50 meter, omdat hij anders te diep wordt en niet meer gereinigd kan worden. Molgoten kunnen uit hetzelfde materiaal gemaakt worden als de bestrating of je koopt ze kant-en-klaar (prefab). Prefab molgoten zijn vaak minder mooi, maar wel makkelijker te plaatsen en goedkoper. Moet je goten hebben voor bochten of passende aansluitingen? Dan is het makkelijker om ze in hetzelfde materiaal aan te leggen als de bestrating.

Molgoot
Molgoot bij wadi. Bron: Stichting CAS, Beeldbank

Bovengronds: bedekte goot

Een goot die is afgedekt met een rooster is een eenvoudige vorm van bovengrondse afvoer voor straten en pleinen. Een bedekte goot kun je makkelijk aanleggen en het straatprofiel kan gewoon hetzelfde blijven als het gebruikelijke profiel met straatkolken. Ze zijn een handige oplossing in drukke steden omdat ze het weggebruik niet belemmeren. Fietsers en voetgangers kunnen er makkelijk overheen gaan. Een ander voordeel is dat een bedekte goot door de grotere diepte meer water kan afvoeren en dat de straat of goot zelf minder schuin hoeft af te lopen. Bedekte goten kun je in verschillende formaten kant-en-klaar (prefab) kopen. De maximale lengte van een goot ligt tussen 50 en100 meter, omdat hij anders te lang en soms te diep wordt voor kosteneffectief onderhoud.

Lijngoot in Lienden
Voorbeeld van een bedekte goot of ‘lijngoot’ in de Brinkstraat in Lienden. Bron: ClimateScan

Bovengronds: holle kolkloze weg

Een holle weg vergroot de bergings- en afvoercapaciteit van een straat. Als je een holle weg combineert met een hoog trottoir, een hoog vloerpeil en/of een drempel in huizen kan dit wateroverlast in huis voorkomen. Een holle weg kan veel meer water bergen en afvoeren dan een goot. Fietsers, auto’s en ander verkeer maken ook tijdens regen gebruik van een holle weg. Dat kan dan leiden tot opspattend water. Dat is een van de redenen dat holle wegen niet overal even geschikt zijn. Je vindt holle kolkloze wegen op veel plekken in Nederland.

Holle weg Nieuwleusen
Holle kolkloze weg in Nieuwleusen. Bron: Thomas Klomp, ClimateScan

Bekijk een video van een holle weg in actie tijdens de overstromingen in Spanje in 2025.

Bovengronds: greppel

Een greppel is een kleine beplante sloot waarmee je regenwater tijdelijk kunt vasthouden en afvoeren naar een sloot of vijver. Een deel van het water kan ook infiltreren in de bodem als die daar geschikt voor is. Greppels hebben een natuurlijke uitstraling en kunnen onderdeel zijn van stedelijk groen, zoals groenstroken of bermen. Ze vragen wel om extra ruimte. Een greppel moet je onderhouden om te voorkomen dat hij dichtslibt of dichtgroeit. Bij een kleibodem blijft het regenwater langer in de greppel staan. In greppels zijn vooral planten geschikt die zowel tegen droge als natte omstandigheden kunnen. Voorbeelden zijn de Siberische lis, kattenstaart, wederik en vrouwenmantel. Een groen beplante greppel draagt bij aan verdamping en zorgt voor verkoeling tijdens hete dagen. Ook kan een groene greppel bijdragen aan de biodiversiteit en aan zuivering van het regenwater. Greppels vind je ook vaak langs wegen als ‘berminfiltratie’.

Infiltratiegreppel in Nijmegen
Greppel die uitkomt op wadi in Nijmegen. Bron: Sidney Stax ,ClimateScan

Bovengronds: open waterloop

Een open waterloop is bijvoorbeeld een sloot, gracht, beek of kanaal. Ook hiermee kun je regenwater vasthouden en afvoeren. Open waterlopen kun je aanleggen bij nieuwbouw, maar als er genoeg ruimte is ook bij herstructurering van bestaande bouw. Een waterloop hoeft niet altijd nieuw aangelegd te worden. Je kunt ook een oude waterloop weer in gebruik nemen. Vroeger werden waterlopen bewust ondergronds gebracht in bijvoorbeeld een rioolbuis om de stank tegen te gaan. Nu regenwater steeds meer wordt gescheiden van afvalwater, kunnen deze oude waterlopen opnieuw bovengronds komen. Er zijn door heel Nederland verschillende voorbeelden van dit soort beekherstel, zoals de Roombeek in Enschede (na de vuurwerkramp).

Stadsbeek Enschede
Roombeek in Enschede. Bron ClimateScan

Een waterloop moet aantrekkelijk blijven bij alle waterstanden. Bij waterlopen met een natuurlijke uitstraling kan dat door flauwe oevers aan te leggen. Bij meer stedelijke, steenachtige waterlopen kun je bijvoorbeeld een getrapte kade maken. Een natuurlijke waterloop trekt bijvoorbeeld libellen, kikkers en vissen aan, en draagt in bebouwd gebied bij aan de biodiversiteit. Langs de oever kunnen mooie, kleurrijke planten groeien, zoals grote kattenstaart, moerasspirea, gele lis, valeriaan en watermunt.

Ondergronds: IT-riool

Een Infiltratie Transportriool, ook wel IT-riool, is een ondergrondse, doorlatende buis. Een IT-riool combineert twee functies:

  • Via gaatjes in de buis met daaromheen geotextiel kan het regenwater de bodem in sijpelen.
  • De rest van het water wordt afgevoerd naar een infiltratie- of buffermaatregel of naar oppervlaktewater.

In een IT-riool zit ook een waterfilter. De eerste IT-riolen met filterfunctie zijn aangelegd in Groningen. Een IT-riool zie je veel langs wegen, parkeerplaatsen of verhardingen, waar weinig ruimte is voor bovengrondse infiltratie, zoals met een wadi of greppel.

Ondergronds: DIT-riool

In gebieden waar het grondwater te hoog kan komen te staan, kan een DIT-riool uitkomst bieden. DIT staat voor Drainage Infiltratie Transport. Bij hoog grondwater kan het grondwater via de gaatjes de buis in stromen en zo worden afgevoerd. Hierdoor kan het grondwater worden verlaagd. Bij lage grondwaterstanden kan een DIT-riool het grondwater juist aanvullen. Verder komt het DIT-riool overeen met het IT-riool: bij veel regen voert de buis het water verder af naar bijvoorbeeld oppervlaktewater. Een IT-riool moet altijd boven het grondwater liggen.

IT riolering Rotterdam
Aanleg IT riolering in Rotterdam. Bron: ClimateScan

Ontwerp en aanleg van infiltratie- en bergingsmaatregelen

Als je regenwater afkoppelt, moet je goed weten waar het afgekoppelde regenwater heen gaat.

Infiltratiemaatregelen

Heeft het gebied genoeg mogelijkheden om het regenwater in de bodem te laten infiltreren? Dan heeft dat de voorkeur. Maar hoe doe je dat? Met één of meer wadi’s, raingardens, regenwatervijvers, tijdelijke regenwaterbuffers of infiltratiekratten? Of met een combinatie ervan? Klik op de linkjes als je meer wilt weten over het ontwerp of de aanleg van deze maatregelen.

Regenton

Op kleine schaal, bijvoorbeeld bij een afkoppelactie met bewoners, kun je afkoppelen goed combineren met het plaatsen van een regenton. Bedenk daarbij altijd ook waar het regenwater heen kan als de ton vol is. Zie daarvoor de maatregelen hierboven. Wil je weten hoe je een regenton installeert? Milieu Centraal heeft hier een stappenplan voor. Let op: dit stappenplan is voor het installeren van een regenton waarbij je de regenpijp niet afkoppelt van het riool en ook een vulautomaat installeert. Als je de regenpijp wel afkoppelt, installeer je geen vulautomaat maar maak je in plaats daarvan een extra opening boven in de regenton. Op die opening sluit je dan een slang aan die het water naar de tuin leidt. Je kunt bijvoorbeeld gaatjes in de slang maken, zodat de slang meteen ook een druppelsysteem is. En je kunt de slang laten uitkomen in een lager stuk van je tuin, een wadi, raingarden, vijver of andere infiltratiemaatregel.

Regenton
Regenton. Bron: Stichting CAS, beeldbank

Waterberging of oppervlaktewater

Zijn de omstandigheden minder geschikt om regenwater in de grond te infiltreren? Dan kun je het water ook opslaan, bijvoorbeeld in een ondergrondse ruimte. Lees bijvoorbeeld hoe Apeldoorn een cisterne en hoe Arnhem een oud zwembad gebruikt voor wateropslag.

Beheer en onderhoud

Hieronder vind je voor verschillende afkoppelmaatregelen meer informatie over de levensduur, het onderhoud, wie er verantwoordelijk is voor het beheer en onderhoud en wat de risico’s zijn als een maatregel slecht of onregelmatig wordt onderhouden.

Hoe zorg je dat afkoppelmaatregelen goed blijven werken?

Hieronder lees je voor verschillende afkoppelmaatregelen hoe je ze het beste kunt onderhouden.

Afgekoppelde regenpijpen

Bij een afgekoppelde regenpijp is het goed om de dakgoot, regenpijp en eventuele blad- of zandvangers 1 of 2 keer per jaar schoon te maken. Haal bladeren en zand weg, en controleer op scheuren en lekkages. Check ook regelmatig of de afvoerroute genoeg helling heeft en er geen obstakels zijn.

  • Heb je de regenpijp aangesloten op een afvoerbuis of slang? Check dan of het water bij hevige regen niet terugstroomt richting de gevel. Let ook op dat het afstromend water niet ondergronds tegen de fundering of gevel aan komt.
  • Heb je de regenpijp aangesloten op een regenton? Zorg dan dat het water goed blijft overlopen in de ton, zodat het niet langs de gevel gaat stromen. En laat de regenton voor de winter leeglopen of ontkoppel hem tijdelijk. Dit is om bevriezing of scheuren te voorkomen.

Goten en holle wegen

  • Molgoot: een molgoot ligt iets dieper in het straatprofiel en heeft flauw aflopende randen. Hij kan daardoor schoongemaakt worden met een borstelwagen.
  • Open goot: de nadelen van een open goot zijn dat je hem niet met een gebruikelijke borstelwagen kunt schoonmaken. Open goten zie je veel in gebieden waarin het landschap natuurlijke hoogteverschillen heeft, waardoor ze vanzelf schuin aflopen. Daar hoeven ze niet schoongespoeld te worden.
  • Bedekte goot: een bedekte goot kun je niet met een gebruikelijke borstelwagen schoonmaken en wordt vaak doorgespoeld of doorgespoten onder hoge druk.
  • Holle weg: zorg ervoor dat je het midden van de holle weg schoon houdt. Haal bladeren, zand en zwerfvuil weg, vooral bij de laagste delen en bij eventuele kolken en roosters. Zo voorkom je verstoppingen. Controleer ook regelmatig de infrastructuur en spuit de holle weg zonodig door. En check of de holle weg nog de goede vorm heeft. Zijn er bijvoorbeeld geen verzakkingen of bulten in de weg waardoor het water blijft staan of verkeerd afloopt? Of waar het verkeer last van kan krijgen? Verder is voor veilig verkeer ook belangrijk dat er geen te diepe plasvorming en in de winter geen ijs kan ontstaan.

Greppels en open waterlopen

  • Greppel: greppels moet je goed onderhouden om te voorkomen dat ze dichtgroeien of dichtslibben.
  • Open waterloop: een open waterloop moet je zo onderhouden dat hij water kan blijven afvoeren of bergen én dat hij ecologisch gezond blijft. Waterschappen leggen vast welke minimale breedte en diepte een waterloop moet houden. Verder moet je een waterloop zo’n 1 tot 2 keer per jaar schoonmaken zodat het water goed kan blijven doorstromen en de waterkwaliteit goed blijft. Let verder op verstoppingen bij duikers, stuwen, bruggen en in- en uitlaten. Daar hoopt drijfvuil zich als eerste op. Ook is het belangrijk om de oevers stabiel te houden en de onderhoudsstrook tot ongeveer 5 meter vrij te houden, zodat machines hier kunnen maaien en inspecteren. Verder is het goed om watergangen vaak genoeg maar ook weer niet te intensief te onderhouden. Intensief onderhoud kan namelijk een negatief effect hebben op de biodiversiteit. Maai bijvoorbeeld in fases, beperk baggeren alleen tot plekken waar het echt nodig is en laat waterplanten deels staan.

DIT- en IT-riolen

Het is belangrijk om DIT- en IT-riolen vaak te reinigen en het slib uit de leiding te halen.

Wat zijn de risico’s als afkoppelmaatregelen niet goed werken?

Werken afkoppelmaatregelen niet goed, bijvoorbeeld door een verstopping? Dan kan dat verschillende gevolgen hebben, zie de tabel hieronder.

Ruimte

Bekijk andere maatregelen

Benieuwd naar de andere adaptatiemaatregelen op deze website?

Ga naar het overzicht

Delen
  • Delen op Facebook
  • Delen op LinkedIn
  • Delen op Whatsapp
  • Delen op Bluesky

Heb je vragen over klimaatadaptatie? Of ben je op zoek naar ervaringen met klimaatadaptatie in de praktijk?

  • Stel je vraag over klimaatadaptatie of deze website via de helpdesk.
  • Leer van anderen via  het team van Samen Klimaatbestendig.
  • Blijf op de hoogte van alle nieuwtjes via LinkedIn en via de nieuwsbrief.

Samen Sneller Klimaatbestendig!

Het Kennisportaal Klimaatadaptatie is dé informatiebron voor iedereen die werkt aan klimaatadaptatie. Je vindt hier praktische informatie, handige hulpmiddelen, inspirerende voorbeelden en het laatste nieuws.

Over deze website

  • Over ons
  • Disclaimer
  • Privacyverklaring
  • Contact
  • Archief
  • Toegankelijkheid
  • Kwetsbaarheid melden

Volg ons

LinkedIn