Ga naar de inhoud
logo kennisportaal klimaatadaptatie (naar homepage)
Direct naar
  • Over ons
  • Bibliotheek
  • English
  • Caraïben
  • Helpdesk
  • Home
  • Actueel
  • Aan de slag
  • Kennisdossiers
  • Hulpmiddelen
  • Voorbeelden
  • Beleid & programma's
  • Over ons
  • Bibliotheek
  • English
  • Caraïben
  • Helpdesk
  1. Home ›
  2. Adaptatiemaatregelen ›
  3. Ondergrondse waterberging en infiltratie

Ondergrondse waterberging en infiltratie

Ondergrondse waterberging en infiltratie vangen regenwater onder de grond op, waarna het water langzaam de bodem in zakt. Het water wordt tijdelijk opgeslagen in holle ruimtes, kratten of granulaatlagen. Zo wordt het riool minder belast en blijft er meer water beschikbaar voor droge perioden.

Op deze pagina vind je informatie over de verschillende soorten systemen, hoe ze werken en welke effecten ze hebben, richtlijnen voor ontwerp en aanleg, beheer en onderhoud, en de kosten. Ook vind je hier informatie over ervaringen met ondergrondse waterberging en infiltratie.

Functies en voordelen

Lees meer over wat ondergrondse waterberging en infiltratie is, welke systemen er zijn en wat hun voordelen kunnen zijn.

Wat is ondergrondse waterberging en infiltratie?

Ondergrondse waterbergings- en infiltratiesystemen is een verzamelnaam voor verschillende soorten systemen waarmee je onder de grond kunt opvangen en infiltreren. Ze helpen om wateroverlast en droogteschade tegen te gaan.

Wat voor systemen zijn er?

Er zijn allerlei verschillende manieren waarop je water kunt opvangen en infiltreren onder de grond. Hieronder lees je hier meer over:

  • Infiltratiekratten zijn modulaire systemen van kunststof of beton die je kunt aanleggen onder wegen, sportvelden en parkeergarages. Daardoor kun je de grond tegelijk op meerdere manieren gebruiken. Ze kunnen belast worden. De kratten zijn omhuld met filterdoek om te voorkomen dat de grond eromheen in de voorziening spoelt. Je komt ook wel de term infiltratiekoffer tegen, of grindkoffer, als het systeem met grind is gevuld.
  • Infiltratieputten zijn vaak grote, verticaal geplaatste betonnen of kunststofbuizen waarop de regenwaterafvoer is aangesloten. De buizen hebben openingen aan de zijkant en zijn open aan de onderkant, zodat het regenwater kan infiltreren. Je kunt ze alleen aanleggen in gebieden met een lage grondwaterstand.
  • Infitratiekolken zijn kolken waarvan de onderkant is voorzien van openingen of van poreuze wanden en een poreuze bodem, waardoor regenwater in de ondergrond kan infiltreren.
  • Infiltratieriolen zijn geperforeerde buizen van beton of plastic. Door de openingen in de buiswand kan het water in de bodem infiltreren.

Hoe helpt ondergrondse waterberging en infiltratie om de omgeving klimaatbestendiger te maken?

Ondergrondse waterberging en infiltratie helpt op verschillende manieren om een gebied beter bestand te maken tegen extreem weer. Het helpt tegen wateroverlast, gaat verdroging tegen en het water kan worden gebruikt.

Minder wateroverlast

Ondergrondse waterberging en infiltratie helpt om regenwater tijdelijk op te slaan en daarna langzaam in de bodem te laten zakken. Zo stroomt bij hevige regen minder water direct naar het riool, waardoor wateroverlast kan worden voorkomen.

Minder verdroging

Het opgeslagen water in de ondergrondse waterberging vult het grondwater aan, wat helpt in droge perioden. Hierdoor hebben bomen, planten en groen in de omgeving groeien minder irrigatie nodig om goed te kunnen groeien.

Betere waterkwaliteit

Ondergrondse waterberging en infiltratie kan de waterkwaliteit verbeteren. De kans op vervuiling door overstorten, wanneer rioolwater overloopt bij regen, neemt af.

Verkoeling bij hitte

Samen met groenvoorzieningen helpt deze maategel om steden koeler en groener te houden. En bomen en planten profiteren ook van deze vochtigere grond, zodat ook zij voor extra verdamping en koelte kunnen zorgen.

Draagt ondergrondse waterberging en infiltratie ook bij aan andere doelen?

Ondergrondse waterberging en infiltratie helpt niet alleen tegen wateroverlast of verdroging, maar draagt ook bij aan andere doelen, zoals een gezondere natuur en fijnere leefomgeving.

Meer biodiversiteit en leefbaarder

Doordat meer regenwater in de bodem blijft, kunnen planten, bomen en struiken beter groeien. Ondergrondse infiltratievoorzieningen worden als waterbuffer aangelegd bij nieuwe bomen, zoals bijvoorbeeld in Groningen is gebeurd. Zo helpt deze maatregel mee aan meer biodiversiteit in de stad of het buitengebied. Afhankelijk van de uitvoering kan een vochtigere en koelere omgeving voor minder hittestress zorgen tijdens warme dagen. Dat draagt bij aan de leefbaarheid van de omgeving.

Effecten van ondergrondse waterberging en infiltratie

Lees meer over de effecten van ondergrondse waterberging en infiltratie: hoeveel regenwater kunnen ze verwerken? En kunnen ze naast positieve ook negatieve effecten hebben?

Hoeveel regenwater kun je met behulp van infiltratie opvangen of weg laten zakken in de grond?

Hoeveel regenwater kun je ondergronds bergen?

Hoeveel regenwater een voorziening opvangt en infiltreert, hangt vooral af van twee dingen: de hoeveelheid open ruimte en de manier waarop ondergrondse infiltratievoorzieningen zoals infiltratiekratten of infiltratieputten zijn aangelegd. Zie daarvoor de figuur hieronder. Daarom maken we onderscheid tussen twee typen voorzieningen. Het eerste type is granulaat, met minder dan 50 procent holle ruimte voor waterberging. Het tweede type zijn voorzieningen zoals infiltratiekratten, die in open ruimte bijna 100 procent water kunnen bergen.

Porositeit grond granulaat
Porositeit grond/granulaat. Bron: Boogaard F.C., Wentink R. Internationale ervaringen met infiltratievoorzieningen, een overzicht van 20 jaar monitoring in Nederland en een aanzet tot richtlijnen, WT afvalwater, februari 2012.

Waar hangt de infiltratiecapaciteit van af?

De infiltratiecapaciteit hangt af van het type voorziening, hoe de voorziening is aangelegd, de bodemsoort, de bodemopbouw, het infiltratieoppervlak van de wanden en hoe goed de bodem water doorlaat, ook in verband met dichtslibbing. Direct naast de voorziening wordt vaak een laag van 30 tot 50 centimeter grof zand aangebracht. Dit ‘cunetzand’ laat water goed door. Daaronder ligt de bestaande bodem. Die kan uit verschillende grondsoorten bestaan, zoals klei met een lage doorlatendheid of zand met een hoge doorlatendheid. Zie hiervoor de figuur hieronder. Verder hebben gebruik en beheer invloed. De leeftijd van een voorziening heeft bijvoorbeeld invloed omdat met de tijd de kans op dichtslibben door fijne deeltjes groter wordt.

Indicatie doorlatendheden grondsoorten
Indicatie doorlatendheden grondsoorten. Bron: Boogaard F.C., Wentink R. Internationale ervaringen met infiltratievoorzieningen, een overzicht van 20 jaar monitoring in Nederland en een aanzet tot richtlijnen, WT afvalwater, februari 2012.

Praktijkvoorbeelden: grote verschillen per locatie en product

Twee verschillende voorzieningen op de WaterStraat in Delft laten zien dat de infiltratiecapaciteit op dezelfde plek sterk kan verschillen. Uit onderzoek uit 2021 blijkt dat een betonnen open ondergrondse infiltratievoorziening een infiltratiecapaciteit heeft van tussen de 0.79 en 4.2 m/d (meter per dag). De gemiddelde infiltratiecapaciteit is 2.01 m/d.

Een ondergrondse infiltratievoorziening met granulaat (schelpen) op dezelfde plek heeft een infiltratiecapaciteit tussen de 39.3 en 57.4 m/d. De gemiddelde infiltratiecapaciteit is 49.6 m/d. Deze voorziening werkt met diepte-infiltratie. Het water stroomt daarbij continu af naar een watervoerende laag op 25 tot 30 meter diepte, waar de waterhoogte lager is.

Maar voor de meeste infiltratievoorzieningen geldt dat ze binnen één tot twee dagen leeglopen. Daardoor is de berging weer beschikbaar voor een volgende regenbui. Omdat de meeste voorzieningen ongeveer 0,5 meter hoog zijn, zou je kunnen zeggen dat de gemiddelde infiltratiecapaciteit vaak rond de 0,5 meter per dag ligt.

Welke positieve effecten heeft ondergrondse infiltratie nog meer?

Stedelijke waterkwaliteit

Omdat ondergrondse infiltratie kan voorkomen dat het riool overloopt, draagt deze maatregel bij aan de stedelijke waterkwaliteit. Dat komt omdat er minder regenwater vermengd met afvalwater vanuit het riool in stedelijke watergangen terechtkomt.

Kan ondergrondse infiltratie ook negatieve effecten hebben?

Risico’s voor grondwaterkwaliteit

Regenwater spoelt over daken, straten en parkeerplaatsen. Daardoor neemt het vaak allerlei vuil en vieze stoffen mee, zoals olie, zware metalen (koper, lood en zink), meststoffen (stikstof en fosfaat), en zwerfvuil. De meststoffen zorgen bijvoorbeeld voor een te snelle groei van algen, verlies van zuurstof, vissterfte en minder biodiversiteit. Door regenwater in de grond te laten zaken, bescherm je de waterkwaliteit.

De eerste ondergrondse infiltraties in Nederland zijn in 2008 in opdracht van RIONED onderzocht. Hieruit bleek dat ondergrondse infiltratie grotere risico's heeft voor grondwater en bodem dan bovengrondse infiltratie. Ook in het STOWA-rapport ‘Verantwoord infiltreren en aanvullen van grondwater’ uit 2025 staat dat vervuild regenwater een negatieve invloed kan hebben op de kwaliteit van het grondwater. Als waterbeheerder kun je aan de hand van een stroomschema in dit rapport bepalen of je die verontreiniging met technische maatregelen kunt herstellen of niet. Hieronder hebben we een deel van dit stroomschema opgenomen. Om te voorkomen dat de grondwaterkwaliteit achteruitgaat, raden de onderzoekers aan de kwaliteit van het infiltratiewater te monitoren.

Monitoring van effecten

Het is belangrijk om ondergrondse waterberging en infiltratie te monitoren. Zo kun je op tijd problemen herkennen en verbeteren, en voorkom je dat een ondergrondse voorzieningen minder goed werkt. Dit is lastiger dan bij bovengrondse voorzieningen zoals een wadi. Monitoring helpt ook om beter te begrijpen hoe een maatregel zich ontwikkelt en hoe je het beheer en onderhoud kunt verbeteren.

Hoe meet je het effect van ondergrondse waterberging en infiltratie?

Vooral de volgende vragen zijn belangrijk om te monitoren:

  • Als je het water wilt gebruiken: hoeveel van het water kun je later gebruiken?
  • Bij infiltratie bijvoorbeeld: Wat is de (grond)waterstand en de stijghoogte vóór, tijdens en na infiltratie? Zo kun je meten hoeveel water er infiltreert en hoelang het in de berging blijft staan.
  • Wat is het infiltratierendement: hoeveel water wordt er via ondergrondse voorzieningen maar ook via putten, pompen of injectiesystemen geïnfiltreerd?
  • Eventueel: wat is de kwaliteit van het geïnfiltreerde en omliggende grond- en oppervlaktewater? Zijn er zware metalen, nutriënten of andere verontreinigingen? Dit helpt je om negatieve effecten in beeld te brengen.

Welke indicatoren kun je gebruiken?

Hierbij kun je de volgende onderdelen meten:

  1. (Grond)waterstand: Meet bijvoorbeeld de stijging of daling van de grondwaterstand en de waterstand in voorziening. Dit laat zien infiltratie plaatsvindt of opslag wordt gebruikt.
  2. Infiltratiesnelheid: de infiltratiesnelheid bepaalt hoe effectief de maatregel is. Hiervoor moet je de waterstand in de voorziening meten.
  3. Herstel of leegloop na een gebeurtenis: hoeveel water wordt daadwerkelijk in de ondergrond opgenomen? Is het systeem binnen 48 uur leeg?
  4. Waterkwaliteit: wat is de kwaliteit van het water in de voorziening? Is er mogelijke vermenging met grondwaterwater, zijn er foutieve aansluitingen of is er verontreiniging?
  5. Ophoping van sediment of verstopping: de hoeveelheid opgehoopt sediment of verstopping is een indicator van minder goed functioneren.

Welke meetmethodes kun je gebruiken?

Je kunt de volgende meetmethodes gebruiken:

  1. Monitoring van infiltratieputten: trek de open na een bui en doe een visuele inspectie. Of plaats meetbuizen en/of peilbuizen naast voorziening om de (grond)waterstand te meten.
  2. Voor ondergrondse opslag in tanks of andere systemen: plaats niveausensoren die in realtime informatie geven over het niveau van het opgeslagen water.
  3. Voer infiltratietesten uit om de snelheid van de infiltratie te bepalen.
  4. Visuele inspectie en onderhoudscontroles: check handmatig de inlaten en de filterbedden op sedimentophoping, verstoppingen of schade.

Zijn er voorbeelden van effectmetingen?

Er zijn verschillende metingen gedaan in heel Nederland. Zie de kaart op ClimateScan in de figuur hieronder.

ClimateScan kaart met ondergrondse voorzieningen
ClimateScan kaart met ondergrondse voorzieningen. Links: kaart met ondergrondse voorzieningen. Rechts: metingen van enkele ondergrondse voorzieningen. Bron: CimateScan. Druk op ClimateScan op de medaille linksboven om de metingen te kunnen zien.

De eerste metingen aan ondergrondse metingen zijn gedaan in de periode van 1999-2008 vlak nadat de eerste voorzieningen zijn aangelegd. Er zijn ook recentere metingen, bijvoorbeeld door de provincie Noord-Brabant. Die heeft bij melkveehouderijen pilots georganiseerd met het infiltreren van regenwater met behulp van bestaande putten voor sproeiwater en infiltratiemaatregelen. Deze pilots zijn in 2019 gestart en tussen 2020 en 2023 uitgevoerd. Hieruit bleek dat het regenwater direct in de bodem kan infiltreren.

Ontwerp en aanleg

Lees hieronder meer over hoe je ondergrondse waterberging en infiltratie ontwerpt en aanlegt.

Waar moet je op letten bij het ontwerp?

Uit onderzoek blijkt dat er nog weinig richtlijnen zijn die vanuit de praktijk worden ondersteund en getoetst. In elk geval werkt infiltratie goed in zanderige grond. In klei en veen zakt water bijna niet weg. Meet altijd hoe goed de bodem water doorlaat. En kijk dan ook of er lagen in de bodem zitten die water tegenhouden, zoals leem of klei.

Let op de grondwaterstand

Houd bij het ontwerp rekening met het grondwaterpeil. Er moet een droge laag onder de voorziening zitten want als grondwater in de voorziening staat heb je minder berging voor regenwater. Houd bijvoorbeeld een halve meter ruimte tussen de bodem van de voorziening en het hoogste grondwaterpeil. Houd er rekening mee dat het grondwaterpeil lokaal sterk kan schommelen.

Houd afstand tot gebouwen en bomen

Houd voldoende afstand tot gebouwen, funderingen en kabels en leidingen. Meestal minimaal 2 meter, soms is 3 tot 5 meter beter. Plaats je waterberging niet te dicht bij bomen. Zo voorkom je wortelgroei in het systeem. Soms worden ondergrondse systemen juist op enige afstand van bomen geplaatst om ze in droge periodes van water te voorzien.

Denk aan de eisen van gemeenten

Gemeenten stellen vaak eisen aan de hoeveelheid water die je moet kunnen opvangen. Meestal tussen 20 en 60 millimeter per vierkante meter verhard oppervlak. De voorziening moet weer leeg zijn voor de volgende bui. Als richtlijn kun je tussen de 24 tot 48 uur aan. Let op: kleine voorzieningen waar relatief veel verhard oppervlak op is aangesloten raken sneller vol. Controleer ook of het systeem goed werkt bij hevige buien.

Capaciteit kan in de tijd afnemen

Uit onderzoek naar regentuinen met ondergrondse berging in Arnhem uit 2021 blijkt dat de infiltratiecapaciteit kan afnemen in de eerste jaren na de aanleg. Dat is volgens de onderzoekers te verwachten, omdat de gebruikte materialen na aanleg iets inzakken. Verder kan infiltratie slechter worden door het dichtdrukken of dichtsmeren van granulaat (zoals grindkoffer) en geotextiel, het achterlaten van bouwafval, zoals cement of fijn zand, of het verslechteren van de bodem doordat planten zijn afgestorven. Ook waren er sterke aanwijzingen dat gezonde beplanting de infiltratie juist verbetert. Volgens de onderzoekers kan vegetatie de negatieve effecten van het dichtslibben of het inspoelen van kleine deeltjes grotendeels compenseren.

Waar kun je ondergrondse waterberging en infiltratie aanleggen?

Infiltratie werk goed in zandgrond. In klei en veen zakt water bijna niet weg.

Water bergen onder sportveld

Je kunt een ondergronds waterbergingssysteem ook aanleggen onder een sportveld. Dat kan op twee manieren. Je kunt de berging direct koppelen aan oppervlaktewater, waardoor het waterpeil meebeweegt met het oppervlaktewater en de schommelingen beperkt blijven. Of je kunt de berging loshouden van het oppervlaktewater. Het regenwater wordt dan opgeslagen en vertraagd afgevoerd. Hierdoor kan er meer water worden vastgehouden en mag het peil sterker schommelen, ook in droge periodes.

Waar moet je op letten bij de aanleg?

Stichting RIONED en STOWA adviseren in hun rapport Richtlijnen voor locatie- en systeemkeuze, ontwerp, aanleg en beheer van infiltratievoorzieningen om het type ondergrondse waterberging en infiltratie af te stemmen op de locatie en op de hoeveelheid water die moet worden opgeslagen.

Let erop dat dat ondergrondse waterberging en infiltratie uit de volgende verschillende onderdelen bestaat:

  1. Voorbehandeling: een zandvang of filter om vuil en slib te verwijderen.
  2. Inlaat: hier stroomt het regen- of oppervlaktewater het systeem stroomt in.
  3. Berging of opslagruimte: infiltratiekratten, grindlagen of holle ruimtes waar het water tijdelijk wordt opgeslagen. De volgende verschillende soorten voorzieningen kun je op ClimateScan apart aanklikken in de legenda om specifieke voorbeelden te krijgen:
  • Grindkoffer infiltratie
  • Infiltratiekelder
  • Sport en recreatie infiltratievelden
  • DIT Riool (Drainage Infiltratie Transport Leidingen)
  • Rockflow (Rockwool)
  • Kunststof infiltratiekratten
  • Ondergrondse waterberging
  • Boomgroeiplaatsen
  • Verticale Infiltratie (zakputten)
  • Diepte infiltratie
  • Waterbergende weg
  1. Infiltratiezone: de bodem of ondergrond waar het water langzaam in wegzakt.
  2. Afvoer of noodoverloop: deze is nodig voor als er meer water binnenkomt dan het systeem kan bergen.

Hoe snel moet het regenwater in de berging wegzakken in de bodem?

De waterberging moet binnen 24 tot 48 weer een volgende bui op kunnen vangen. In situaties waar water langer vastgehouden moet worden kunnen langere leeglooptijden gewenst zijn, bijvoorbeeld bij een houten fundering.

Waar vind je in Nederland ondergrondse infiltratie?

De resultaten op ClimateScan laten zien dat in heel Nederland ondergrondse infiltratievoorzieningen worden aangelegd.

ClimateScan kaart ondergrondse infiltratie
ClimateScan kaart ondergrondse infiltratie. Bron: ClimateScan

Op welke schaal kun je ondergrondse waterberging aanleggen?

Infiltratiekratten en -putten heb je in allerlei afmetingen voor individuele huizen tot aan voorzieningen voor hele stadswijken.

In welke wijktypen vind je ondergrondse infiltratie?

De beschikbare ruimte voor voorzieningen is vaak een uitdaging in stedelijk gebied. Bovengrondse voorzieningen hebben vaak de voorkeur, maar er is meestal weinig ruimte. Daarom zie je ondergrondse voorzieningen vooral in druk stedelijk gebied. Maar daar is de ondergrond vaak ook al vol met kabels en leidingen.

Het cirkeldiagram hieronder laat zien dat ondergrondse infiltratie het vaakst wordt aangelegd in volkswijken, bloemkoolwijken, villawijken en naoorlogse woonwijken. Het lijkt erop dat de aanleg van deze voorziening in deze typen wijken het meest kansrijk is. Maar zoals de diagram laat zien, wordt deze ook in andere wijktypen aangelegd.

Diagram wijktypen ondergrondse infiltratie
Ondergrondse infiltratie in verschillende wijktypen. Bron: Roest & Boogaard 2026, nog niet gepubliceerd.

Beheer en onderhoud

Goed beheer en onderhoud zijn belangrijk om te voorkomen dat ondergrondse waterberging en infiltratie dichtslibt of vervuild raakt. Alleen met regelmatig onderhoud blijft het systeem goed werken en kan het regenwater blijven infiltreren.

Hoe zorg je dat je ondergrondse waterberging goed blijft werken?

Ondergrondse infiltratie moet je regelmatig checken of ze nog goed functioneren. Stel daarom een beheerplan op en voer dit uit. Onderdelen als kolk, bladvanger en overloop kun je visueel inspecteren en kun je eens in de één à twee jaar schoonmaken om te voorkomen dat ze dichtslibben. De kratten of putten zelf kun je het beste eens in de vijf jaar controleren op de dikte van de sliblaag, verzakking en infiltratiesnelheid. Als het nodig is, kun je dan onderhoud uitvoeren.

Uit Onderzoek van Floris Boogaard en Ton Beenen uit 2007 naar het dichtslibben van infiltratievoorzieningen komen de volgende aandachtspunten naar voren:

Haal zwevende deeltjes uit het water tijdens voorzuivering

De voorzuivering moet zoveel mogelijk zwevende deeltjes uit het water halen. Dat geldt niet alleen voor grote delen, zoals bladeren en grof zand, maar ook voor kleine deeltjes die een sliblaag vormen en waar viezigheid aan vastplakt.

Onderzoek de oorzaken van dichtslibben

De textiellagen in het systeem kunnen na verloop van tijd dichtslibben. Onderzoek de oorzaken hiervoor. Het kan gebeuren door ‘blocking’: de openingen in het textiel komen dicht te zitten door vaste deeltjes. Of het kan gebeuren door ‘clogging’: de poriën raken verstopt door biologische groei of chemische afzetting.

Onderzoek ook de snelheid van het dichtslibben

Hoe snel textiellagen dichtslibben, hangt af van verschillende factoren, zoals: de hoeveelheid zwevende deeltjes, het type geotextiel, vervorming van het materiaal, roestvorming (ijzeroxidatie uit ijzerrijk grondwater), biologische aangroei, de zuurgraad (pH) van de bodem, en de grondsoort. Deze omstandigheden verschillen per locatie. Daarom is het slim om voor elke plek apart te onderzoeken of deze factoren een rol spelen.

Gebruik zo open mogelijke geotextielen

Gebruik zo open mogelijke geotextielen, bijvoorbeeld met een O90-waarde groter dan 300 µm en een doorlatendheid van minstens 35 liter per seconde per m².

Geef goede voorlichting

Goede voorlichting aan bewoners helpt om problemen met het systeem in de toekomst te voorkomen op particulier terrein.

Wie is verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud?

Veel ondergrondse waterberging ligt in de openbare ruimte. Dat betekent dat de gemeente verantwoordelijk is voor beheer en onderhoud. Als een systeem op privéterrein is aangelegd, dan ligt de verantwoordelijkheid uiteraard bij de eigenaar.

Wat is de levensduur van ondergrondse waterberging en infiltratie?

Hoe lang ondergrondse waterbergingssystemen werken, hangt af van het materiaal en de constructie zelf, en de manier waarop ze worden aangelegd en onderhouden. Infiltratiekratten van kunststof kunnen meer dan 40 jaar meegaan. De oudste in Nederland liggen er namelijk al 40 jaar. De levensduur van infiltratieputten, die van beton of kunststof zijn gemaakt, wordt ook geschat op tussen 40 tot 60 jaar. Het is vooral belangrijk om te voorkomen dat de systemen verstopt raken. Verstopte systemen gaan veel minder lang mee. Sommige zijn al na enkele jaren verwijderd.

Kosten en baten van ondergrondse waterberging en infiltratie

Lees hieronder meer over de kosten en baten en mogelijke subsidies van ondergrondse waterberging en infiltratie.

Waar moet je rekening houden bij de kosten?

De kosten van ondergrondse adaptiemaatregelen verschillen sterk. Dat komt door de verschillende typen maatregelen, gebruikte materialen, afmetingen en extra onderdelen zoals voorzuivering. Kosten worden vaak op verschillende manieren weergegeven. Grote waterbergingsvoorzieningen krijgen meestal een prijs per kubieke meter, terwijl infiltratieleidingen vaak per meter worden berekend.

De werkelijke kosten hangen sterk af van de situatie. Ze vallen vaak lager uit als er slim meegekoppeld wordt met andere werkzaamheden. Tegelijk kunnen locatiespecifieke kwesties de kosten verhogen, zoals slecht-doorlatende bodemlagen of archeologische beperkingen.

Wat kost het om infiltratiekratten aan te leggen?

De kosten voor het aanleggen infiltratiekratten lopen in verschillende bronnen van € 165,- tot € 600,- per m³ waterberging. Deze kratten zijn vaak 50 cm hoog. De kosten voor de graafwerkzaamheden zijn in deze schatting inbegrepen. De kosten voor het onderhoud van infiltratiekratten zijn volgens de KBS Toolbox gemiddeld € 5,30 per m³ water die je bergt. Hierbij worden de kratten eens per twee jaar geïnspecteerd en worden ze twee keer per jaar gereinigd. Het prijspeil is het jaar 2020.

Wat kost het aanleggen van een betonnen ondergrondse waterberging?

De KBS Toolbox laat zien dat de kosten voor het aanleggen van ondergrondse waterberging minstens € 140,- en maximaal zo'n € 750,- zijn per m3 water die je wilt bergen. Gemiddeld is dat € 445,- per m3 water. Deze cijfers zijn deels gebaseerd op de aanleg van drie betonnen bakken in Egmond aan Zee. Dit waren wel grote bakken van meer dan 1000 m3. De gemiddelde hoogte was ongeveer 2 meter. De bedragen gaan uit van de totale kosten van materiaal, logistiek en aanleg. Het prijspeil is het jaar 2020.

Wat kost het beheer en onderhoud van ondergrondse waterberging?

Het beheer van een ondergronds waterberging kost volgens de KBS Toolbox gemiddeld € 7,10 per m3. Dit bedrag is gebaseerd op de kosten voor het uitvoeren van een inspectie (€ 2,80 per m3) en van het reinigen van een zeer grote rioolbuis (€ 4,30 per m3). Het prijspeil is het jaar 2020.

Wat kost het beheer en onderhoud van infiltratiekratten?

De kosten voor het onderhoud van infiltratiekratten zijn volgens de KBS Toolbox gemiddeld € 5,30 per m3 water die je bergt. Hierbij worden de kratten één keer per twee jaar geïnspecteerd en worden ze twee keer per jaar gereinigd, volgens de leidraad D1100 (03-2015). Het reinigen kost € 2,80 en de inspectie € 2,50 per m2 omgerekend per jaar. Het prijspeil is het jaar 2020.

Kun je voor de aanleg of het onderhoud subsidie aanvragen? Of kun je fiscale regelingen gebruiken?

Bewoners en bedrijven kunnen in enkele gemeenten subsidie of andere financiële steun krijgen voor de aanleg van een ondergrondse waterberging en infiltratie. Soms geldt dit ook voor onderhoud, maar dat komt minder vaak voor. De regels en bedragen verschillen per regio. Hieronder enkele aandachtspunten.

Vraag subsidie aan vóór de uitvoering

Je moet de subsidie meestal aanvragen en goedgekeurd krijgen voordat je begint met de aanleg of het onderhoud. Als je al start zonder toestemming, vervalt vaak het recht op subsidie.

Let op eisen aan ontwerp en uitvoering

Sommige regelingen stellen eisen aan de hoeveelheid waterberging, de infiltratiesnelheid of de kwaliteit van de uitvoering. Controleer dus goed of jouw plan daaraan voldoet.

Onderhoud valt buiten de subsidie

De meeste subsidies zijn bedoeld voor aanleg, niet voor structureel onderhoud. Beheer en monitoring worden zelden vergoed maar daar moet je vooraf natuurlijk welk rekening mee houden.

Combineer met andere maatregelen

Soms kom je alleen in aanmerking voor subsidie als je meerdere maatregelen tegelijk uitvoert. Soms worden alleen maatregelen met een minimale grootte vergoed.

Fiscale regelingen voor ondernemers

Voor ondernemers zijn er aparte fiscale regelingen, zoals de MIA en Vamil. Deze gelden niet voor particulieren en hebben andere voorwaarden dan gemeentelijke subsidies. Ze stimuleren vooral duurzame investeringen van bedrijven.

Welke besparingen levert ondergrondse waterberging en infiltratie op?

Ondergrondse waterberging en infiltratie kan verschillende besparingen opleveren. Zo zorg je ervoor dat het riool minder wordt belast. Daardoor kunnen de kosten voor rioleringsbeheer en rioolwaterzuivering afnemen. Ook kunnen ze schades door wateroverlast voorkomen. Verder kunnen de kosten voor beregening of drinkwater kunnen doordat je het opgevangen regenwater kunt gebruiken voor het besproeien van tuinen, gewassen of openbaar groen.

Ervaringen met ondergrondse waterberging en infiltratie

Ben je benieuwd naar ervaringen met ondergrondse waterberging en infiltratie? Hieronder vind je voorbeelden van verschillende projecten:

  • Cromvlietplein is veranderd in wijkpark met Urban Waterbuffer
  • Waterberging onder groen plein in de Staringbuurt
  • Maatregelen voorkomen wateroverlast op skatepark de Yard
  • Meer ruimte voor water in Harderwijkse wijk Stadsdennen

Bronnen

Hieronder vind je de bronnen die zijn gebruikt voor de informatie op deze pagina.

Literatuur

  • Richtlijnen voor locatie- en systeemkeuze, ontwerp, aanleg en beheer van infiltratievoorzieningen, RIONED / STOWA, 2026.
  • Verantwoord infiltreren en aanvullen van grondwater. STOWA, 2025.
  • Boogaard, F., Kuiphuis, V., Gravenbergh, J., Beerland, J., Jansen, J. (maart 2022) ‘Tilburg onderzoekt werking groenblauwe maatregelen’. In: Land en Water, nr 3.
  • Boogaard, F., Buist, E, en Lekkerkerk, J. (2020) ‘Eerste onderzoeksresultaten proeftuin waterstraat Delft variatie infiltratie-capaciteit innovaties laag Nederland’. In: Vakblad Riolering p. 10-11, jaargang 25.
  • Boogaard F., Buist E., Lekkerkerk J. (mei 2021) ‘Urban Rainshell helpt bij Klimaatadaptatie’. In: Land en Water nr. 5.
  • Boogaard, F., Buist, E., Lekkerkerk, J. (juni 2021) ‘Bufferblock als infiltratievoorziening’. In: Land en water nr 6.
  • DRO (Dienst Ruimtelijke Ordening): Waterberging onder sportvelden, Gemeente Amsterdam, 2010.
  • Boogaard, Floris en Ton Beenen (september 2008) ‘De milieurisico’s bij ondergrondse infiltratie van regenwater onderzocht’. In: Vakblad Riolering.
  • Boogaard en Beenen (2007). ‘Onderzoek naar dichtslibben’. In: Vakblad Riolering.

Websites

  • Pagina op Bouwadaptief over regenwateropslag onder sportvelden

Ruimte

Klik voor een vergroting (afbeelding: werkzaamheden-grote-markt-bron-climate-scan_1.jpg)

Bekijk andere maatregelen

Benieuwd naar de andere adaptatiemaatregelen op deze website? Ga naar het overzicht.

Delen
  • Delen op Facebook
  • Delen op LinkedIn
  • Delen op Whatsapp
  • Delen op Bluesky

Heb je vragen over klimaatadaptatie? Of ben je op zoek naar ervaringen met klimaatadaptatie in de praktijk?

  • Stel je vraag over klimaatadaptatie of deze website via de helpdesk.
  • Leer van anderen via  het team van Samen Klimaatbestendig.
  • Blijf op de hoogte van alle nieuwtjes via LinkedIn en via de nieuwsbrief.

Samen Sneller Klimaatbestendig!

Het Kennisportaal Klimaatadaptatie is dé informatiebron voor iedereen die werkt aan klimaatadaptatie. Je vindt hier praktische informatie, handige hulpmiddelen, inspirerende voorbeelden en het laatste nieuws.

Over deze website

  • Over ons
  • Disclaimer
  • Privacyverklaring
  • Contact
  • Archief
  • Toegankelijkheid

Volg ons

LinkedIn