Subvragen tabel
De maatregelen in de tabel zijn verdeeld over drie typen: preventie, adaptatie en acceptatie. Hieronder leggen we deze maatregeltypen uit.
- Preventie: maatregelen die voorkomen dat de waterkwaliteit verslechtert. Bijvoorbeeld water met microverontreinigingen filteren voordat het afstroomt, regenwater afkoppelen om riooloverstorten te voorkomen, of een buffersysteem aanleggen in gebieden die afhankelijk zijn van rivierwater.
- Adaptatie: maatregelen die een negatief effect van klimaatverandering beperken. Bijvoorbeeld oppervlaktewater met een verslechterde kwaliteit vaker doorspoelen, of schaduw toevoegen rondom oppervlaktewater.
- Acceptatie: maatregelen waarmee je de verandering of verslechtering van de waterkwaliteit accepteert. Dat kun je bijvoorbeeld doen door kansen van de verandering te benutten, zoals overstappen op zilte landbouw. Of door mensen bewust te maken van risico’s waarmee hun gedrag verandert. Denk aan communicatie over blauwalg op niet-officiële zwemlocaties, zodat mensen daar niet gaan zwemmen.
In de tabel onder de indicatoren zie je een onderscheid tussen effectgerichte en brongerichte maatregelen:
- De effectgerichte maatregelen zijn erop gericht om de effecten van klimaatverandering terug te dringen. Deze beïnvloeden een indicator als geheel.
- De brongerichte maatregelen zijn erop gericht om de bron van negatieve effecten weg te nemen. Deze maatregelen beïnvloeden specifieke stuurvariabelen.
‘Blauwalg wegscheppen’ is bijvoorbeeld gericht op het effect om direct de indicator voedselrijkdom te verbeteren, en heeft geen invloed op een van de bronnen van te veel blauwalg. ‘Blad ruimen op oever’ heeft juist wel invloed op een bron die kan zorgen voor te veel voedselrijkdom in oppervlaktewater. In de tabel is daarom het vakje van de stuurvariabele Bladinval groen gekleurd met een A omdat de bladinval door de maatregel afneemt.