Spoorwegen

Klimaatverandering heeft op verschillende manieren invloed op het spoorsysteem. Op deze pagina lees je waar het spoorsysteem mee te maken kan krijgen door klimaatverandering. Ook vind je informatie over hoe we de gevolgen kunnen beperken en wat er al wordt gedaan om het spoorsysteem klimaatbestendiger te maken.

Welke schade kan ontstaan door wateroverlast?

Extreme buien kunnen ervoor zorgen dat spoorinfrastructuur en stations onder water komen te staan. Dat hindert het treinverkeer en er kan schade ontstaan aan  stationsgebouwen. Door de regen ontstaat ook het risico dat eroderende waterstromen en modder naar het spoor stromen. Daarnaast is er door hevige buien een risico op kortsluiting bij overwegen en technische installaties. Door langdurige regen stijgt ook het grondwater, waardoor het spoor in de loop van de tijd steeds minder stevig wordt.

Hoe kunnen we schade door wateroverlast tegengaan?

Spoorwegbeheerder ProRail neemt bij nieuwbouwprojecten al vaak maatregelen om wateroverlast te beperken. Zo wordt bij station Driebergen-Zeist het overtollige regenwater afgevoerd naar een ondergrondse waterberging en in de directe omgeving weer geïnfiltreerd. De elektronische installaties langs het spoor zijn daarnaast verhoogd, zodat ze niet onder water komen te staan. Ook bij station Amsterdam-Zuid heeft ProRail een ondergrondse waterberging aangelegd die 750 m³ water kan opvangen. En bij station Uitgeest heeft ProRail de afwatering van het spoor aangepast aan de zeer hevige buien die in de toekomst kunnen vallen. Structurele maatregelen tegen wateroverlast vragen om een gezamenlijke aanpak met alle stakeholders rondom het spoorsysteem.

Welke schade kan ontstaan door hitte?

Verschillende onderdelen van het spoorsysteem zijn kwetsbaar voor hitte, zoals het spoor zelf, de treinen, de spoorbruggen en de spoorinstallaties. Wanneer beweegbare spoorbruggen door hitte uitzetten, kunnen deze niet meer open of dicht. Bij het spoor neemt door hoge temperaturen ook de kans op spoorspatting toe: er komen dan knikken in de rails. Technische installaties kunnen oververhit raken, onder andere in relaishuisjes en -kasten. Dat kan leiden tot meer storingen voor het treinverkeer.

Risico op hittestress

Hittestress is een belangrijk risico voor werknemers die op en rondom het spoorsysteem werken. Dat geldt ook voor werknemers en reizigers op de stations en in de directe omgeving. De gevolgen van hitte op een locatie hangen af van de inrichting en functie van een gebied. Daardoor kunnen ze erg van elkaar verschillen. In wachtruimtes op stations kan het heel heet worden door te weinig ventilatie. En mensen die rondom het spoor werken, kunnen oververhit raken, vooral wanneer ze beschermende kleding dragen. Airco’s kunnen dan wel verkoelend werken maar zij zorgen voor een hoger stroomverbruik. Maar niet alle gevolgen van klimaatverandering zijn negatief. Zo nemen de problemen door sneeuw en vorst waarschijnlijk af.

Hoe kunnen we schade door hitte tegengaan?

Door extreme hitte kunnen elektrische installaties ontregeld raken of kapot gaan, onder andere in schakelstations en relaiskasten. ProRail wil dit voorkomen en houdt hier rekening mee wanneer ze elektrische installaties vervangt. Bij station Driebergen-Zeist zijn de relaiskasten wit geverfd om oververhitting tegen te gaan. Ook kan ProRail onderzoeken of het mogelijk is om groene daken op schakelstations aan te leggen en andere methoden onderzoeken om oververhitting te voorkomen. Met groene daken kun je bij hevige buien bovendien regen opvangen. En in periodes van hitte zorgen ze dat de technische ruimtes minder opwarmen. Perronkappen op stations zorgen er daarnaast voor dat reizigers in de schaduw kunnen lopen.

Welke schade kan ontstaan door droogte?

Doordat het vaker droog en heet wordt, neemt de kans op bosbranden en bermbranden toe. Bij brand langs het spoor raakt het treinverkeer verstoord of is er zelfs tijdelijk helemaal geen treinverkeer mogelijk. Droogte kan ook bodemdaling versterken, bijvoorbeeld in de veengebieden. Als bodemdaling leidt tot ongelijke verzakkingen van het spoor of perrons zijn er maatregelen nodig.

Hoe kunnen we schade door droogte tegengaan?

De bodem in veengebieden klinkt als gevolg van droogte steeds meer in. Dit betekent dat de bodem krimpt. Het spoor in veengebieden heeft daar last van en is gevoelig voor verzakkingen. ProRail is bezig dit probleem in kaart te brengen. Er moet onderzocht worden welke maatregelen ze hiertegen kan nemen.

Welke schade kan ontstaan door overstroming?

Bij een overstroming kunnen er over het spoor geen treinen rijden. Vooral buitendijkse gebieden die dicht bij het water liggen, krijgen vaker last van overstromingen. Als het spoor of een gebied direct langs het spoor onder water komt te staan, kan de spoorbaan minder stevig worden. Wanneer bij een overstroming de energietoevoer uitvalt, krijgt de bovenleiding daarnaast geen elektriciteit meer. In heel Nederland zijn er locaties waar een overstroming tot grote problemen kan leiden aan het spoor. De overstromingen in Limburg in 2021 zijn hier een voorbeeld van. Verschillende stations en het spoor in de omgeving hebben toen onder water gestaan.

Hoe kunnen we de gevolgen van overstroming beperken?

ProRail neemt al maatregelen tegen wateroverlast. Daarnaast legt ze wadi’s aan die regenwater tijdelijk kunnen opvangen. Zo zijn er wadi’s aangelegd bij een goederenemplacement nabij station Nijmegen.

Welke schade kan ontstaan door storm, windstoten en onweer?

De kans op meer onweersbuien met meer bliksem en meer zware windstoten neemt toe door klimaatverandering. En dat kan tot meer problemen leiden. Vooral nieuwe spoorelektronica is kwetsbaar voor blikseminslag. Daarnaast kunnen zware windstoten het spoor en perronkappen beschadigen. Ook kunnen windstoten het treinverkeer beperken doordat afgewaaide takken of omgevallen bomen op het spoor terechtkomen.

Hoe kunnen we de gevolgen van windstoten en onweer beperken?

Het KNMI verwacht dat bij iedere graad opwarming het aantal blikseminslagen met ongeveer 15% toeneemt. Hier is nog weinig over bekend. Om passende maatregelen te kunnen nemen, is er meer onderzoek nodig.

Wat gebeurt er al aan klimaatadaptatie?

ProRail is verantwoordelijk voor het hoofdspoor en werkt samen met het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Het is de taak van ProRail om het spoorsysteem voor te bereiden op de effecten van klimaatverandering. Daarom heeft ProRail stresstesten uitgevoerd om de klimaatrisico’s te onderzoeken. Ook ervaringen met extreme weersituaties zoals hitte zijn belangrijk. Uit het onderzoek blijkt de kans op verschillende soorten extreem weer groot te zijn. Het gaat hier om extreem weer dat ook grote gevolgen kan hebben. Daarnaast heeft ProRail in 2015 een verkennend onderzoek laten uitvoeren door Deltares: Blue Area’s Rail. Deltares onderzocht hoe kwetsbaar het spoorsysteem is voor overstromingen en wateroverlast als gevolg van klimaatverandering. Dit onderzoek laat zien welke locaties van het spoorsysteem kwetsbaar zijn. Ook blijkt het volgende: als er een primaire dijk doorbreekt, dan wordt in bijna heel Nederland de spoorinfrastructuur achter die dijk verwoest. Daarnaast zijn er door heel het land heen delen van het spoor kwetsbaar voor wateroverlast.

Adaptatiemaatregelen en onderzoek

ProRail onderzoekt hoe ze bij het ontwerp en gebruik van het spoor rekening kan houden met klimaatverandering. Dat kan bijvoorbeeld door opnieuw te kijken bij welke temperaturen er kansen ontstaan op problemen. Het kan ook door de dienstregeling tijdelijk aan te passen als er extreem weer wordt voorspeld. Daarnaast wil ProRail extra onderzoek laten doen naar de mogelijkheid om de gevolgen te beheersen en te beperken tijdens en na extreem weer. Hieronder vallen ook extra acties voor het omgaan met verwachte extreme neerslag voor de operatie naar aanleiding van de bevindingen in Limburg in 2021.

Handreiking voor klimaatadaptatie

Bij nieuwe projecten om het spoorsysteem uit te breiden of aan te passen, houdt ProRail nu zo mogelijk al rekening met klimaatverandering. Denk bijvoorbeeld aan de aanleg van een nieuwe brug of een spoorbaan. Dat begint in de eerste fase van een project met behulp van de Handreiking Klimaatadaptatie ProRail. Deze handreiking helpt ProRail om voor elk project een ambitie op te stellen voor klimaatadaptatie. Ook helpt die bij de aanpak en de uitvoering. De handreiking sluit aan bij de Green Deal Duurzaam GGW, waarbij veel partijen uit de grond-, water- en wegenbouw zijn aangesloten. Ook in het nieuwe Handboek Groen van ProRail, de NS en Bureau Spoorbouwmeester is aandacht voor klimaatadaptatie. Dit handboek geeft ontwerprichtlijnen voor vergroening rondom de stations en het spoor.

Samenwerking met andere partijen

ProRail werkt samen met alle stakeholders, zoals de NS en andere vervoerders, ingenieursbureaus, aannemers, Rijkswaterstaat en regionale overheden zoals provincies. Zo werkt ProRail nauw samen met de vervoerders om de treinen, werknemers en reizigers te beschermen tegen hitte. En om maatregelen te nemen tegen gladheid, sneeuw en ijsvorming. Het Operationeel Controle Centrum Rail (OCCR) is een goed voorbeeld van deze samenwerking en heel belangrijk om snel en goed te kunnen reageren bij calamiteiten zoals weersextremen. Daarnaast probeert ProRail samen te werken met beheerders van andere vormen van infrastructuur, zoals bedrijven uit de telecomsector of nutsbedrijven. Dit doet ProRail omdat de effecten van klimaatverandering tot kettingreacties in andere sectoren kunnen leiden en omdat veel partijen afhankelijk van elkaar zijn. Verder werkt ProRail in Europees verband aan innovatie op het gebied van verschillende klimaatthema’s, in afstemming met andere spoorbeheerders. Zo was ProRail betrokken bij een internationaal onderzoek om klimaatdata beter geschikt te kunnen maken voor gebruik op en rond het spoorsysteem.