Spoorwegen

Wat verandert er?

Spoorwegen zijn gevoelig voor extreme weersomstandigheden. Zo kunnen treinen vertraging oplopen of kan het spoor beschadigd raken. De gevolgen zijn op te delen langs vijf klimaateffecten:

Het wordt natter

Extreme buien zorgen voor wateroverlast bij spoorwegen en bemoeilijken het treinverkeer. Ook kan langdurige regen het spoor instabiel maken.

Meer storm en onweersbuien met bliksem

De verwachte toename van onweersbuien met bliksem en zware windstoten kan tot meer problemen leiden. Het spoornetwerk is namelijk kwetsbaar voor blikseminslag. Daarnaast kunnen zware windstoten het spoor beschadigen of versperren met afgewaaide takken of omgevallen bomen.

De zeespiegel stijgt

Bij overstroming zijn de spoorwegen niet bruikbaar. Als het spoor of het gebied direct langs het spoor onder water komt te staan, kan het spoorlichaam instabiel worden. In heel Nederland zijn er locaties waar een overstroming tot grote problemen leidt voor het spoor. Zeker in de Randstad kan dat voor veel vertragingen of schade zorgen.

Het wordt warmer

Verschillende onderdelen van het spoorsysteem zijn kwetsbaar voor hitte, zoals het spoor zelf, de treinen, de spoorbruggen en de spoorinstallaties. Bij extreme temperaturen neemt de kwetsbaarheid toe. Daarnaast is hittestress een belangrijk aandachtspunt voor de mensen die rondom het spoorsysteem werken, en voor de mensen op de stations en in de directe omgeving. De gevolgen van hitte op een locatie hangen af van de inrichting en functie van een gebied, en kunnen daardoor erg van elkaar verschillen. De ontregelende gevolgen van sneeuw en vorst zullen naar verwachting afnemen.

Het wordt droger

Doordat het vaker droog en heet wordt, neemt de kans op bos- en bermbranden toe. Bij brand langs het spoor raakt het treinverkeer ontregeld of moet het tijdelijk worden gestaakt. Droogte kan ook bodemdaling versterken, bijvoorbeeld in de veengebieden. Als bodemdaling leidt tot onregelmatige verzakkingen, zijn er maatregelen nodig, bijvoorbeeld aan de kunstwerken of aan het baanlichaam.

Wat doen spoorbeheerders?

ProRail is ervoor verantwoordelijk dat het hoofdspoor goed functioneert en werkt daarvoor samen met het ministerie van IenW. Het is aan ProRail om het spoorsysteem voor te bereiden op de effecten van klimaatverandering. De spoororganisatie onderzoekt daarom de klimaatrisico’s. Dit doet zij bijvoorbeeld op basis van ervaringen met de huidige extreme weersituaties zoals hitte. Uit dit onderzoek komen verschillende vormen van extreem weer naar voren met grote gevolgen en een aanzienlijke kans van voorkomen. Daarnaast heeft ProRail in 2015 een verkennend onderzoek laten uitvoeren door Deltares, naar de kwetsbaarheid van het spoorsysteem voor overstromingen en wateroverlast door klimaatverandering. Dit onderzoek, ‘Blue Area’s Rail’, laat zien welke locaties van het spoorsysteem kwetsbaar zijn. Voor nagenoeg heel Nederland geldt dat bij het doorbreken van een primaire dijk bijna alle spoorinfrastructuur achter die dijk als verloren beschouwd kan worden. Ook zijn er door heel het land stukken spoor kwetsbaar voor wateroverlast.

ProRail onderzoekt ook hoe zij in het ontwerp van het spoor rekening kan houden met klimaatverandering. Bijvoorbeeld door het opnieuw bepalen van de temperatuur waar een onderdeel van het spoorsysteem tegen moet kunnen. Of door de dienstregeling tijdelijk aan te passen als er extreem weer wordt voorspeld. Daarnaast gaat ProRail extra onderzoek doen naar het beheersen en beperken van de gevolgen tijdens en na extreme regenval, overstromingen, hitte, storm en bliksem.

Bij nieuwe projecten waarin het spoorsysteem wordt uitgebreid of aangepast, houdt ProRail nu ook al rekening met klimaatverandering. Dat begint in de eerste fase van een project met behulp van de Handreiking Klimaatadaptatie ProRail. De handreiking helpt de betrokkenen om de klimaatopgaven voor het project te bepalen en om een ambitie vast te stellen voor het aanpakken van de opgave bij het uitwerken en uitvoeren van het project.  De handreiking sluit aan bij de standaard aanpak en instrumenten die ProRail gebruikt in het kader van de green deal Duurzaam GWW, waarbij veel partijen uit de grond-, water- en wegenbouw zijn aangesloten.

Ook in het nieuwe Handboek Groen van ProRail, de NS en Bureau Spoorbouwmeester, is aandacht voor klimaatadaptatie. Dit handboek geeft ontwerprichtlijnen voor vergroening rondom de stations en het spoor.

Samenwerking met andere partijen en sectoren

ProRail werkt bij de uitvoering van haar beleid en het nemen van maatregelen samen met alle stakeholders, zoals de NS en andere vervoerders, ingenieursbureaus, aannemers, Rijkswaterstaat en regionale overheden. Zo werkt ProRail nauw samen met de vervoerders om de treinen, werknemers en reizigers te beschermen tegen hitte, en om maatregelen te nemen tegen gladheid, sneeuw en ijsvorming. Het gezamenlijke Operationeel Controle Centrum Rail (OCCR) is een goed voorbeeld van deze samenwerking en heel belangrijk voor het adequaat reageren bij calamiteiten zoals weersextremen.

Verder werkt ProRail in Europees verband aan innovatie op klimaatonderwerpen waar de spoorwegen in Nederland ook wat aan hebben.