Welke gevolgen heeft klimaatverandering voor de natuur?
Het klimaat is de laatste decennia sterk aan het veranderen en zal dat naar verwachting blijven doen, zelfs als de doelen van Parijs worden gehaald. De KNMI-scenario’s van 2023 geven aan dat het in 2050 in Nederland gemiddeld warmer zal zijn, en vaker droog in de zomer en nat in de winter. De zeespiegel zal verder stijgen. Daarnaast verwacht het KNMI dat hittegolven, zware buien en natuurbranden steeds vaker voorkomen. Al deze veranderingen dragen ook grote risico’s met zich mee voor de robuustheid en veerkracht van de natuur en maatschappij. Ze maken de Nederlandse natuur nog kwetsbaarder dan ze al is.
De Nederlandse natuur wordt nog kwetsbaarder
De natuur in ons land is al kwetsbaar. Dat komt door allerlei menselijke activiteiten waarmee we de ruimte in Nederland intensief gebruiken. Activiteiten die veel druk leggen op de biodiversiteit zijn bijvoorbeeld de industrie, het autoverkeer, de veeteelt, de onttrekking van grondwater en het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen. Klimaatverandering komt daar nog bij als drukfactor. Meer over drukfactoren voor de biodiversiteit kun je lezen op het Nationaal Dashboard Biodiversiteit.
Natuur verdroogt
Als het lange tijd niet regent, kunnen natuurgebieden verdrogen. De kans op verdroging is het grootst in gebieden waaruit ook actief water onttrokken wordt, bijvoorbeeld voor landbouw en industrie. Dit leidt tot schade aan en verlies van natuur en biodiversiteit. Soorten sterven lokaal uit, de kans op natuurbranden neemt toe, lagere rivierstanden komen vaker voor en vennen en beken vallen sneller droog. De gevolgen hiervan kunnen groot zijn, omdat extreme droogte vaak plaatsvindt op Europees schaalniveau. Dieren en planten kunnen daardoor heel moeilijk uitwijken naar leefgebieden die gunstiger zijn. De kaart Droogtegevoeligheid natuur in de Klimaateffectatlas laat zien welke natuurgebieden in Nederland gevoelig zijn voor droogte. Meer over de effecten van droogte op de natuur kun je lezen in de Deltafact De effecten van droogte op de ecologie van STOWA.
Biodiversiteit neemt verder af
Klimaatverandering zorgt ervoor dat de biodiversiteit nog verder afneemt. Dat komt doordat veel soorten de snelle veranderingen als gevolg van klimaatverandering niet kunnen bijhouden. Eén van die snelle veranderingen is de opwarming van het klimaat in Nederland: sinds 1901 is de gemiddelde temperatuur hier met 2,6 °C toegenomen. Kwetsbare populaties, bijvoorbeeld weidevogels, dagvlinders die leven in een koeler klimaat en heide- en duinplanten, kunnen zich hier niet snel genoeg aan aanpassen. Daar komt bij dat het voor veel soorten moeilijker is om te bewegen tussen verschillende gebieden. Bijvoorbeeld doordat dammen in rivieren, wegen en steden hen de weg versperren. Of doordat hun leefgebied versnipperd is, er te weinig variatie is in leefgebieden, of concurrerende soorten hun leefgebied bezetten.
Verzilting neemt toe
Doordat Nederland aan zee ligt, dringt op verschillende plaatsen zout water binnen. Hierdoor komt er meer zout in bodem, grondwater en oppervlaktewater, en wordt zoet water zouter. Dit noemen we ‘verzilting’. Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel en neemt verzilting toe, vooral in de lage gebieden in Nederland. Dit kan bijvoorbeeld invloed hebben op waterplanten en vissen, maar ook op natuur op het land. Meer over de gevolgen van verzilting voor de natuur kun je lezen in de Deltafact Effecten van zoet-zout dynamiek op natuur en landbouw. Wil je meer weten over waar verzilting kan voorkomen? Bekijk dan het kaartverhaal Verzilting door zeespiegelstijging in de Klimaateffectatlas.
Programmaplan Omgaan met Zout
Deltares, KWR en WENR doen de komende jaren samen onderzoek naar hoe we in Nederland het beste kunnen omgaan met zout in landbouw, natuur en waterbeheer. Dit meerjarig programmaplan, dat gepland staat van 2025 tot 2029, is opgesteld in opdracht van de ministeries van I&W en LVVN en STOWA.
Soorten vertrekken
Als de omstandigheden in leefgebieden veranderen, kan het dat bepaalde dier- en plantensoorten uit hun leefgebied vertrekken. Bijvoorbeeld als er minder water of een slechtere waterkwaliteit is in een gebied, of als de groei- en bloeiseizoenen veranderen. Klimaatverandering vormde in 2013-2018 een drukfactor voor 15% van de beschermde soorten en habitattypen in Nederland. Zonder ingrijpen kan klimaatverandering in de toekomst een drukfactor worden voor meer dan 60% van de soorten en habitattypen. Dat komt vooral door de stijgende temperatuur en de toenemende droogte. Door de temperatuurstijging verschuiven de mogelijke leefgebieden van veel soorten naar het noorden. Stijgende temperaturen zijn vooral een risico voor soorten die het beste leven in een koele omgeving. De extreem droge zomers in 2018, 2019 en 2026 hebben een zeer groot effect gehad op veel populaties. Zo hadden veel planten last van droogtestress. En vissen hadden het erg zwaar doordat veel beken droogvielen.
Mismatches in de voedselketen
Door klimaatverandering verandert de timing van jaarlijks terugkerende verschijnselen in de natuur, ook wel: de fenologie. Gemiddeld start het groeiseizoen volgens het KNMI ruim drie weken eerder dan rond 1900, en eindigt het zo’n anderhalve week later. Daardoor duurt het groeiseizoen ruim vier weken langer. De gestegen temperaturen zijn hier de belangrijkste verklaring voor. Klimaatverandering beïnvloedt ook de momenten waarop vogels gaan trekken en broeden, insecten tevoorschijn komen en zoogdieren en amfibieën in winterrust gaan. Doordat deze jaarlijks terugkerende verschijnselen in de natuur niet voor alle soorten even snel verschuiven, is er een kans op mismatches in de voedselketen. Vogels vinden bijvoorbeeld minder insecten voor hun jongen, omdat de insectenpiek tijdens het broedseizoen al is afgelopen. Dieren proberen zo’n mismatch te voorkomen, bijvoorbeeld door eerder eieren te leggen, maar kunnen het tempo van klimaatverandering niet altijd bijbenen.
Ecosysteemdiensten worden zwakker
Mens en maatschappij zijn op heel veel manieren afhankelijk van de natuur door alle diensten die zij ons biedt. Denk aan water en lucht zuiveren, CO2 vasthouden door bossen, de kust beschermen, ziektes en plagen beheersen, hittestress verlagen, voedingsstoffen recyclen. Deze diensten van de natuur noemen we ook wel ecosysteemdiensten. Als de natuur kwetsbaarder wordt, kan ze ook moeilijker dit soort bijdragen bieden aan mens en maatschappij. Meer hierover kun je lezen op de pagina Wat merkt de samenleving van deze gevolgen?
Visuele samenvatting van de gevolgen
Het bollenschema hieronder geeft een visuele samenvatting van de gevolgen van klimaatverandering voor de natuur. Er is een interactieve en statische versie van het bollenschema. De interactieve versie geeft een toelichting bij de gevolgen, die je ook apart kunt downloaden. Hieronder leggen we uit wat je met de verschillende versies kunt.
- Statisch bollenschema: deze versie is handig als je een duidelijk overzicht voor je sector wilt van de effecten en gevolgen van klimaatverandering. Je kunt deze versie printen.
- Interactief bollenschema: deze versie kun je gebruiken om te verkennen wat de kansen en risico’s van klimaatverandering zijn voor de sector. Je kunt in- en uitzoomen met het vergrootglas onder het schema, en je kunt klikken op een gevolgbol voor toelichting. Daarin staat wat het gevolg inhoudt, wat de relatie is met andere sectoren en welke maatregelen het gevolg kunnen beperken. De toelichtingen kun je ook weer wegklikken.
- Toelichting gevolgen: in dit word-document vind je alle toelichtingen die ook in het interactieve bollenschema staan. Dit document is bijvoorbeeld handig als je bepaalde toelichtingen wilt gebruiken.

