Waar moet je rekening mee houden als je wilt vergroenen?

Meer groen is niet altijd beter. Er zijn verschillende dingen waar je rekening mee moet houden bij het ontwerp en de aanleg. Groen heeft bijvoorbeeld veel water nodig en kan daardoor juiste extra droogte veroorzaken, wat kan leiden tot problemen zoals paalrot, verzakking en schade. Daarom is het heel belangrijk om eerst een slim ontwerp te maken voordat je de omgeving gaat vergroenen. De pagina biedt verdieping voor professionals die aan de slag gaan met het vergroenen van de openbare ruimte.

Kijk naar de locatie en de ondergrond

Het is belangrijk om onze steden in te richten met ‘effectief groen’. Dat betekent dat ontwerpers voor elke specifieke locatie de juiste keuzes moeten maken. De bodem en ondergrond zijn daarbij heel belangrijk. Dr. Wiebke Klemm heeft negen ontwerprichtlijnen voor een groene stad gemaakt die landschapsarchitecten, stedenbouwkundigen en andere professionals kunnen gebruiken. Ze benadrukt dat het voor ontwerpers noodzakelijk is om ook naar de ondergrond te kijken. Ze adviseert daarom om in inrichtingsplannen ook de ondergrond te tekenen met wortels, afvalcontainers, en leidingen. Voor bomen geldt daarbij het volgende:

  • Plant bomen alleen aan op plekken waar genoeg water beschikbaar is.
  • Plant ze niet te dicht bij kwetsbare panden.
  • Kies voor klimaatbestendige soorten die langere tijd tegen droogte kunnen.
  • Elke boom heeft zijn eigen kenmerken. Voordat je een boom ergens plant, moet je eerst weten of die boom daar goed past en met welk doel je de boom plant. De bomenposter kan je daarbij op weg helpen.
  • Houd rekening met de watervraag en de beschikbaarheid van water op een locatie. Tijdens droge periodes zorgt groen voor extra verdamping. Als je ergens veel bomen en groen plant, neemt de watervraag daar in droge periodes toe. Dat hoeft geen probleem te zijn als er genoeg water in de buurt is. Maar als de watervraag groter is dan de beschikbaarheid van zoetwater, kan het tot watertekorten leiden. Zie ook het rapport Klimaat en watervraag stedelijk gebied.

Waar is groen nodig voor verkoeling?

Als je een stad wilt verkoelen met groen, is het belangrijk om de juiste locaties voor het groen te kiezen. Het onderzoeksprogramma Hittebestendige Stad van de Hogeschool van Amsterdam heeft drie richtlijnen opgesteld om te bepalen waar groen nodig is:

  1. De afstand tot een koele plek vanaf elke woning is kleiner dan 300 meter.
  2. Het percentage schaduw moet minimaal 40% zijn op belangrijke looproutes.
  3. Er moet in elke wijk genoeg groen zijn. De HvA geeft per wijktype een percentage.

In het praktijkonderzoek Hitte richtlijnen zijn deze richtlijnen verder uitgewerkt, zodat gemeenten er eenvoudig zelf mee aan de slag kunnen.

Welk groen werkt het best tegen hitte?

De Hva heeft ook onderzocht hoe effectief verschillende maatregelen zijn voor een hittebestendige stad, zie de EfFact checker. Daaruit blijkt dat bomen het meeste effect hebben om hitte tegen te gaan, omdat ze voor schaduw en verdamping zorgen. Tegelijkertijd zijn bomen erg effectief in de bestrijding van wateroverlast. De HvA geeft ook suggesties voor droogte- en hittebestendige bomen. Bomen die in groepen bij elkaar staan, hebben een groter effect dan enkele bomen. Via de EfFact Checker vind je ook informatie over het verkoelend effect van stedelijk oppervlaktewater, groene gevels en groene daken.

Verbind groen aan andere opgaven

Probeer vergroening zoveel mogelijk te verbinden aan andere opgaven en thema’s, zoals biodiversiteit, energietransitie en cultuurhistorie. Dat noemen we ook wel meekoppelen. Op deze manier kan er samenwerking ontstaan en kunnen meerdere knelpunten tegelijk worden opgelost. Er zijn verschillende hulpmiddelen met tips en inspiratie voor meekoppelen:

  • De gemeente Amsterdam heeft een integrale ontwerpmethode ontwikkeld voor de openbare ruimte. Je kunt een groenstrook bijvoorbeeld goed combineren met een wadi.
  • Website Multifunctionele daken: Je kunt veel meer met een dak dan het alleen vergroenen. Je kunt een groen dak bijvoorbeeld combineren met zonnepanelen en een dakterras.
  • Handreiking Slim Koppelen Klimaatadaptatie: in deze handreiking staat hoe je klimaatadaptatie kunt koppelen aan de energietransitie, de nieuwbouwopgave en de cyclus van groot onderhoud en renovatie.
  • Handboek Meekoppelen: in dit handboek vind je een stappenplan en een spel dat je verder helpt om klimaatadaptatie mee te koppelen met andere opgaven.

Meekoppelen doe je ook al door samen te werken met collega’s van andere afdelingen. Ook zijn er samenwerkingsverbanden om verschillende opgaven in de openbare ruimte geïntegreerd aan te pakken, zoals de City Deal Openbare Ruimte. Dit is een samenwerking tussen de steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Leiden en de ministeries van Binnenlandse Zaken en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit om samen tot integrale oplossingen te komen voor de inrichting van de openbare ruimte.

Andere tips voor ontwerpers

De Atlas Natuurlijk Kapitaal geeft ook nog de volgende tips over het ontwerp en de aanleg van groen in de stad:

  • Breng de uitgangssituatie goed in kaart door te inventariseren en waarderen wat er is. Denk daarbij aan elementen zoals watergangen en oevers, oude bomen, wegbermen, de bodemgesteldheid, hoogteverschillen, waterhuishouding.
  • Bij het ontwerp is het belangrijk om bestaande elementen te behouden. In een nieuwe wijk kunnen onderdelen van het oude landschap een plaats krijgen door bijvoorbeeld oude sloten te laten liggen en oude bomen te laten staan. Speciale aandacht verdienen plekken waar de oorspronkelijke bodem nog aanwezig is, zoals parken.
  • Maak zoveel mogelijk gebruik van de verschillende ecosysteemdiensten die groen kan leveren, zoals recreatie, verkoeling, voedsel en bestuiving, en het reinigend vermogen van bodem, water en lucht.
  • Groene plannen slagen sneller als je er burgers bij betrekt.