Hoe kun je je stad groener maken?

Een stad groener maken, helpt enorm: niet alleen om de stad klimaatbestendiger te krijgen, maar ook om de stad leefbaarder te maken. Maar hoe maak je een stad groener? En hoe groen is je eigen stad eigenlijk? Moet er nog veel gebeuren, of is de stad al op de goede weg?

Hoe groen is jouw stad?

Er zijn verschillende websites die inzicht geven in de hoeveelheid groen in een stad. Het gaat daarbij om al het groen in de stad, niet alleen in de openbare ruimte maar ook in tuinen van particulieren. Voorbeelden hiervan zijn:

  • Ingenieursbureau Cobra Groeninzicht heeft samen met LocalFocus een kaart ontwikkeld waarmee je kunt opzoeken hoeveel bomen er in je gemeente staan. Je kunt zelfs opzoeken hoeveel bomen er in je eigen woonwijk staan. Ook kun je zien hoeveel bomen een gemeente per inwoner heeft.
  • De Basiskaart Groen en Grijs uit de Klimaateffectatlas laat per buurt zien hoeveel procent bestaat uit bomen en hoeveel uit laag groen. Ook toont de kaart hoeveel procent er grijs is: het percentage in de buurt dat niet vergroend is. Meer uitleg over deze kaart vind je in het kaartverhaal.
  • Er is een interactieve kaart waarop je kunt zien hoe groen de tuinen zijn in je buurt of gemeente. Deloitte heeft deze kaart samen met stichting CAS ontwikkeld. Cobra Groeninzicht heeft een vergelijkbare kaart ontwikkeld.
  • De Groenmonitor laat de actuele vegetatiekaart van Nederland zien: welke plekken in Nederland zijn groen? Deze kaart wordt gemaakt op basis van satellietbeelden die iedere drie dagen worden bijgewerkt. Met deze satellietbeelden wordt de groenindex berekend: dat is de hoeveelheid groene biomassa. Die ligt tussen de 0 en 1, waarbij 1 staat voor maximale groenheid. Met de groenindex kun je het verloop van het groeiseizoen monitoren. Ook kan de groenindex helpen om te bepalen welke invloed weersomstandigheden en menselijke activiteiten hebben op groen.

Hoe kun je de openbare ruimte vergroenen?

Je kunt steden vergroenen door te kiezen voor de natuur als (onderdeel van een) oplossing voor verschillende opgaven: nature based solutions. Wil je de openbare ruimte vergroenen? Dan kunnen de volgende hulpmiddelen je daarbij op weg helpen:

Hoe kun je gebouwen en tuinen vergroenen?

Een deel van de stad bestaat uit tuinen, gebouwen en andere private ruimte. Ook daar kunnen maatregelen genomen worden. De volgende hulpmiddelen kunnen helpen om een gebouw of tuin te vergroenen:

  • Campagne ‘Een groener Nederland begint in je eigen tuin’: Via deze campagne kun je gratis gebruikmaken van een Groene Gids met ideeën om je tuin te vergroenen. Ook staat er op de website uitleg over hoe je zelf aan de slag kunt gaan in je eigen tuin. Een bekend onderdeel van de campagne is het NK Tegelwippen: een landelijke wedstrijd tussen gemeenten. Wie vervangt dit jaar de meeste tegels uit de tuin door groen?
  • Handreiking natuurdaken: Deze handreiking legt stap voor stap uit hoe je een groen dak aanlegt. Een groen dak vangt water op en werkt verkoelend in de zomer. Daarnaast heeft een groen dak nog veel andere voordelen. Daken nemen een groot oppervlak van de stad in. Als elk gebouw in de stad een groen dak zou krijgen, zou al een groot deel van de stad vergroend zijn.
  • Brochure Dak- en gevelgroen: Deze brochure is bijvoorbeeld handig als je wilt weten welke beplanting het meest geschikt is voor jouw dak of gevel. Maar ook als je argumenten zoekt om groen op daken of gevels toe te passen, kan deze brochure je verder helpen. Tot slot geeft de brochure korte basisinformatie over aanleg en onderhoud van groene daken en gevels.
  • Handleiding Het Levende Gebouw: In deze handleiding lees je op welke manieren je een gebouw kunt vergroenen. Naast een groen dak aanleggen kun je een gebouw bijvoorbeeld ook vanbinnen vergroenen. Daarnaast kun je planten laten groeien op de buitenmuren: kleinbladige klimop schijnt het beste te werken om je huis te koelen. Meer over beplanting op buitenmuren vind je ook op de webpagina groene gevels van de Hogeschool van Amsterdam.
  • Handboek De Levende Tuin: Dit handboek is bedoeld om groene professionals te helpen en inspireren bij het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van een klimaatbestendig tuin. Ook is er via dit kennisdossier informatie beschikbaar over het betrekken en motiveren van bewoners. Uit een analyse van Deloitte en stichting CAS blijkt dat tuinen bijna drie keer groener kunnen. Daarom is het belangrijk om bewoners te stimuleren om hun tuin klimaatbestendig te maken.
  • Groen kennisnet: op dit kennisplatform voor de groene sector vind je publicaties over de effecten van groen.
  • HuisjeBoompjeBeter: op deze website vind je tips om je tuin en huis groener en klimaatbestendiger te maken.
  • Door de tegels de tuin niet meer zien: Samen Klimaatbestendig bracht in 2019 alle groeninitiatieven samen in dit boekje. Hierin staan 150 voorbeelden van uitgevoerde acties, subsidies en andere financiële prikkels, participatie- en communicatiemiddelen en opleidingen.

Hoe kun je groen bouwen?

Groen bouwen, ook wel natuurinclusief bouwen, wordt steeds populairder. Ruim zestig procent van de bouwbedrijven zegt al natuurinclusief te bouwen. Wil je ook groen bouwen? Dan kunnen de volgende websites je verder helpen:

  • KAN platform: Dit platform deelt kennis op het gebied van natuurinclusief ontwerpen en bouwen. Ben je een ontwikkelaar, bouwer of gemeente? Dan kun je deelnemen aan dit platform.
  • Bouw Natuurinclusief: Op deze website vind je tips en verhalen die je verder helpen om natuurinclusief te bouwen. De website heeft specifieke tips en verhalen voor medewerkers bij gemeenten, bij woningcorporaties, voor architecten en voor projectontwikkelaars.
  • Snelstartgids Bouwen voor Biodiversiteit: deze gids geeft handvatten waarmee je anderen kunt inspireren om te bouwen met biodiversiteit.
  • Checklist Groen Bouwen: met deze checklist kun je als bouwonderneming, architect of projectontwikkelaar je projecten en ontwerpen natuurvriendelijker maken.
  • Natuurinclusieve verstedelijking: Deze website geeft inspiratie en handvatten voor een natuurinclusieve aanpak van de bouwopgave van één miljoen woningen. De website behandelt verschillende schaalniveaus, waardoor het een handig hulpmiddel is voor overheden (regio en stad), ontwikkelaars en architecten (wijk en buurt), en bouwers en stadsecologen (gebouw en straat).

Fotograaf: Nanda Sluijsmans